‘De Bron’, er wordt veel over gesproken, maar wie erváárt daadwerkelijk en bewust ‘De Bron’. Kunnen we erbij, want er zit toch een ‘sluier’ voor? Het gordijn. Het onderstaande artikel van de hand van Hannah van Buuren, bezorgde me kippenvel, herkenning van een eigen persoonlijke zoektocht, nu bijna 6 jaar geleden. Hoe diep kan een mens zinken. Hoe diep, als deze mens daar zelf toestemming toe geeft..?! Niet tegenstribbelt, maar alles laat gaan. Eerlijk wil weten.
Het gordijn van afscheiding van ‘daar’ en ‘hier’, is er natuurlijk niet ‘zomaar’.. Het heeft een functie, net als op het schouwburg-neptoneel.. Het gordijn is de afscheiding tussen de kijkers en de spelers.. En wanneer je het werkelijk wilt, klim je via de zijkanten het toneel op, en dan kun je zo achter het gordijn komen en de voorbereidingen aanschouwen. Maar dan moet je het wel willen, durven en er bewust voor kiezen.

Het gordijn dat ons scheidt van 'hier' en 'daar'...
Deze figuurlijke zoektocht, afdaling, queeste, hoe je het ook noemen wilt, maakte Hannah van Buuren. Je hebt hier al vaker aan haar overpeinzingen kunnen snuffelen. Maar nu is het anders, het is het verslag van een uiterst diepe en persoonlijke ‘Abseiltocht’..
En Hannah schreef het op, heel dapper, deze uitermate diepe ervaring met jou en mij delend.
Hopelijk mag jij er jezelf in herkennen, er hoop uit peuren. Als je dat wilt. Om datgene te ‘her-kennen’, weer te zien, wat je diep in je diepste celkern al weet. Het is toch waar..!
We kunnen praten over de functionaliteit van het gordijn, de dikte ervan, etc. Maar daar worden we niet wijzer van. Dan zitten we weer in het hoofd.. Het gaat om het be-leven, het door-leven. Het ervaren. Vanuit het Hart.
Ik wil vanaf deze plek Hannah danken voor deze dappere daad. Het opschrijven, analyseren, en doorleven van haar ervaring, met jou en mij als kijkers vanuit de zaal. Het gordijn is dicht, maar Hannah hoor je spreken vanachter dat gordijn. Het is meer dan de moeite waar(d)..! Luister met je hart.. ‘De Bron’, niemand kan er NIET mee verbonden zijn!
X
* * * * * * *
X
Bron
X
Hannah van Buuren © Stichting Poort, 2010
website Stichting Poort
X
Herinner je je nog dat we het ‘Veld’ ontdekten? Je weet het toch nog wel, nog maar een paar jaar geleden: Lynne McTaggart? Deze wetenschapsjournaliste beschreef als eerste ‘Het Veld’ in voor ons begrijpelijke termen. Uitgangspunt: alles in dit heelal bestaat uit deeltjes en golven. En die hangen allemaal samen, beïnvloeden elkaar allemaal.

Een revolutionair boek dat de ogen van velen opende. Maar waren het de ogen-naar-het-hart of die naar-de-mind?
Op deze manier verklaarden zij en een groot aantal wetenschappers de samenhang in het ons bekende heelal. HET VELD stelt een plausibele wetenschappelijke theorie voor die het verband tussen alles, zichtbaar en onzichtbaar, aards en hemels, verklaart, van de werking van DNA en communicatie tussen cellen tot homeopathie en buitenzintuiglijke waarneming, ESP.
Het zou een antwoord kunnen vormen op grote vragen als: Wat is menselijk bewustzijn? Wat gebeurt er als we doodgaan? Het was een grote stap naar het besef dat alles en iedereen verweven is met alles en iedereen.
Juist het bewijs van verwevenheid tussen alle dingen, psychisch en fysiek, trof mij, en vele anderen met mij die de Eenheid zoeken, heel diep. Het leek wetenschap en religie dichter bij elkaar te brengen. Toch deed het dat niet.
Evenmin gebeurde dit, toen Lynne McTaggart later het verhaal van een groep wetenschappers beschreef die per ongeluk het Nulpuntveld ontdekten, een oceaan van microscopische vibraties die alles met alles in het universum blijken te verbinden als een soort onzichtbaar netwerk.
Het Nulpunt leek de Oergrond te vormen ònder het Veld. Het Nulpunt leek de Bron van Bewustzijn te zijn, die alle deeltjes en golfjes van bewustzijn voorziet.
Ik weet nog dat ik hevig enthousiast was met deze hypothesen en theorieën. Ze maakten voor mijzelf definitief een einde aan traditioneel godsbesef, aan beelden van God die al lang niet meer voor mij toereikend waren. Veld en Nulpunt kwamen voor mijn gevoel dichter bij het besef dat God overal was, in mij, buiten mij, één en ondeelbaar. Hetzelfde dus wat Dan Brown kunstig gebruikt in zijn laatste bestseller: ‘Het Verloren Symbool’.
Nu echter vraag ik me in gemoede af, of deze wetenschap, zoals zij nu gepresenteerd wordt ons echt dichter bij de Bron brengt of juist niet…
Dichterbij, omdat zij, zoals ik zei, een einde maakt aan traditionele Godsbeelden. Verder af, omdat deze ontdekkingen, zo waar en waarachtig als ze zijn, toch, op de manier zoals ze gepresenteerd worden, het sacrale gods-leven naar de achtergrond dringen of zelfs doen verdwijnen.
Ik bedoel: het erkennen van deeltjes en golven en nulpunt heeft mijn In-wezen niet dichter bij het Goddelijke of bij mijn Bron gebracht. Wel heeft het mijn begrijpen verhoogd, maar het heeft niet mijn hart geraakt. Toch is het eigenlijk mijn hart dat voortdurend versterking van eenheid met de Bron, mijn Bron, zoekt. Die ervoer ik niet in de presentatie van Veld en Nulpunt.
‘Nou ja,’ zeg jij misschien, ‘is dat nodig?’
‘Nou ja, misschien ook wel niet’, zou ik lange tijd geantwoord hebben. Maar sinds kort toch niet meer…
Nacht
Onlangs ben ik diep ‘gevallen’. Mijn bewustzijn versomberde. Spiraalsgewijs fladderde het neerwaarts, eerst tegenstribbelend, op het eind liet ik het gewoon gebeuren. Rond en rond en dieper, kleiner, tot de bodem. Geen tegenstand meer, geen weerstand. Laat maar.
Had het niet eens zelf goed in de gaten. Hoewel, vlak voor de laatste weken -mijn broertje al gestorven, mijn maatjesvriendin mij al verlaten- merkte ik inklemming van mijn hart, pijn en pijn. En inklemming van mijn zicht. Vroeg ik aan m’n licht: “breek mij uit. Ik weet dat ik nog iets moet, maar ik weet niet hoe ik daar bij kom. Breek mij dus uit!”
Oei!

Diep in onze celkern ligt het geheugen. De heimwee. De motivatie om er 'meer van te weten' te komen. Overal ter wereld volgen schrijvers, kunstenaars deze 'roep'.
Zeg dit nooit tegen de kosmos! Zij verhoort je. Dat de laatste ratten mijn zinkende schip verlieten, merkte ik niet eens meer. Ik was door mezelf heen gevallen. Mijn lichtkant viel dieper en dieper, niet meer tegengehouden door grenzen van individualiteit. Mijn lichtkant, eeuwig en oneindig, maakte gebruik van de geen-weerstand, en viel nachten lang door gebieden die ik nooit als echt heb willen erkennen. Atlantis. Ja zeker. Lemurië.
Star wars. Eeuwigheid. Voor de tweede keer dit jaar moet ik erkennen: ‘het bestaat!’
Niet zoals in die romannetjes van zogenaamde priesteressen toenmaals, schei toch uit! Ook niet in de zin van Star Trek, de mannenversie van die priesteressen-romannetjes. God nee. Al die nachten was ik nooit alerte piloot tussen de sterren, en nooit aanbeden hogepriesteres die haar volk al dan niet verraadde. Veel en veel erger was ik: mens. Mens zoals iedereen van ons.
Toen ik door mijn eigen persoonlijke wortelstelsel heen viel, kwam ik terecht in het wortelstelsel van ons allemaal, van de mensheid dus. Het collectieve. De voor-tijd, die sommigen onder ons Atlantis noemen. Iedere mens z’n wortelstelsel komt daar op uit. Maar gelukkig weten we dit niet. We zouden niet meer kunnen functioneren.
Want in het collectieve onderaardse wortelstelsel liggen onze ergste herinneringen verborgen. Omdat we in deze ronde tot nu toe hebben geleerd op negatieve prikkels, zijn die herinneringen onverdraaglijk.
Dit is een heel belangrijke constatering: tot nu toe leerden en evolueerden wij als mens op negatieve prikkels!
Word je nat? Bouw een huis. Gaat je partner weg? Zoek een nieuwe, en/of leer wat het je te zeggen heeft. Hierdoor kreeg lijden een primaire plek in ons bewustzijn. Want van lijden leer je. Van geluk leer je niet. Uit lijden ontstaat de mooiste kunst. Uit tevredenheid niet. Dat bedoel ik met ‘evolueren op negatieve prikkels’.

"Wie zich afknijpt van de Stroom, krijgt ook geen stroom meer. En waar geen stroom meer is, krijgt teruggang alle kans."
Het is belangrijk, weet ik nu, te zien dat we tijdens deze wereldcyclus alleen maar hebben kunnen leren op negatieve prikkels. Om niet dood te gaan, om niet zo moeilijk te hoeven leven, om geen pijn te hebben, om niet arm te zijn en om niet alleen te zijn, en honderden van deze prikkels.
‘s Nachts was ik daar vele malen, ondergedompeld in een visioen waar ik zelf aan meedeed. Ik onderging onverbiddelijk, ik ervoer onverbiddelijk. Maar bij de ochtendzucht kwam ik weer boven. Daar stond dan mijn liefste vriendin, zij die mij wekenlang na mijn vallen heeft verzorgd als een baby.
Aan deze recente periode in mijn leven kan ik niet terugdenken zonder diepste gevoelens van dankbaarheid jegens haar die mij in alle opzichten opving.
Wat ik nu zeg, zeg ik uit ervaring. Het bestond: Atlantis, en eerder Lemurië.
Wij waren gelukkig en leerden via geluk, niet via lijden. Hoe kun je evolueren via geluk? Dat is mogelijk als je jezelf in samenhang ziet.
Jezelf in samenhang zien, met de planten en dieren, met je medemensen, met de Hogere Wezens die ons begeleiden, dat wekt liefde op. Er bestaat ook evolutie uit liefde. Echt waar, het grootste deel van de ons bekende kosmos evolueert uit Liefde, geïnspireerd door samenhang. Wij toen ook. Wij leefden toen toch in zo’n glorieuze eenheid van licht, oh!
We kregen het hoog in de bol ervan. Geluk kan soms overmoedig maken…. We dachten dat we het zonder de samenhang met Hogere Zusters en Broeders konden, en zonder inspiratie via de Bron. We scheidden ons af, en loochenden onze Hogere Broeders, Zusters, de Eenheid Gods, de Adem, het Aangezicht. Hoe konden we…..?
Wat we niet beseften is, dat wanneer een mensheid (of engelendom) zich loshaakt, zij zich ook loshaakt van de Vooruitgang die evolutie heet. Het is eigenlijk zo logisch! Wie zich afknijpt van de Stroom, krijgt ook geen stroom meer. En waar geen stroom meer is, krijgt teruggang alle kans.
Losgehaakt van de geestimpuls zakten we terug tot in het dierlijke. In één van mijn belevingen was ik vader van twee dierendochters, bij een diervrouw. Nooit kon ik meer terug naar mijn vroegere staat van autonome mens, hoezeer mijn wijzere vrienden me daartoe probeerden over te halen. k weet nog hoe ik bij hen huilde: “ze weten me altijd te vinden!” Dieren zijn sluwer dan mensen in het terughalen van wie of wat zij als prooi beschouwen. Zij, de verdierlijkten, erger dan dieren, vingen me altijd, sleepten me terug. Einde van Atlantis: mensen zakken, enig bewustzijn nog restend, wanhopig krijsend tot in koeienbestaan, rattenbestaan, versluiering, verduistering.
Het heeft bestaan. Het is de oorsprong van deze mensheid op deze ronde van de aarde die ‘planeet van het lijden’ genoemd wordt.
Erger dan de schilderijen van Jeroen Bosch. Ik wist, en wist niet.
Het heeft bestaan. Het is de oorsprong van deze mensheid op deze ronde van de aarde die ‘planeet van het lijden’ genoemd wordt. Erger dan de schilderijen van Jeroen Bosch. Ik wist, en wist niet.
Nu moet ik daarover wel getuigen, ik die tot en met dit voorjaar nog zo schattig sprak over begin van onze aarde-evolutie, alsof dit het eerste begin was. De mensheid bestaat echter al zo lang. Eeuwig. Oneindig. Glorieus. Afgrijselijk eigenwijs. Altijd prooi voor kosmische wezens die leven van de rottende geur van afscheiding.
Geen slachtoffer. Prooi uit vrije hoogmoedswil. Afgronden diep. Hemels hoog. Veel dieper nóg en veel hoger. Eeuwigheidsmaat. Mens. Niet de vernietiging van de vorm was het ergste, maar de verduistering van ons oorspronkelijk zo schitterende bewustzijn.
Herhaling?
Altijd echter is er sprake van herkansing. Alleen gebeurt die op basis van het oude, de ervaring van het vroegere. De basis voor ons was dus tot nu toe: leren van onze val en de daarop volgende treurnis. Evolueren via negatieve prikkels van ‘nooit meer zo’. Dus nog steeds, anno 2010, zijn we diermens, omdat het daar gestopt is. En helaas zijn we voor het merendeel ook nog diermens, omdat het grote gros van ons de eeuwige lichtkant niet erkent, en alleen maar wil wroeten in stof, stof hebben, stof vreten, het ‘lekker’ willen hebben.
En helaas zijn we voor het merendeel nog diermens.
Het grote gros van ons erkent de eeuwige lichtkant niet.Wil alleen maar wroeten in stof, stof hebben, stof vreten, het ‘lekker’ willen hebben.
Dat is de restant van ons leren door lijden, leren door wroeten, leren door uitzuigen en uitgezogen worden, kortom: leren door negativiteit. We denken op de top te staan, ha! Maar het einde van dit voorbereidende plateau nadert. Want leren door negatieve prikkels die je àf wilt houden, is maar een schamele manier van leren in dit licht-universum.
In deze jaren beleven we het plateau waarmee Atlantis afsloot, en Lemurië ook, ijler. Het is bijna voorbij, het kàn voorbij zijn. Herhalen we of herhalen we niet? Daarvoor is onze keuze nodig.
Als ik in deze herfstige maanden van dit jaar íets heb begrepen is het het gevaar dat ons bewustzijn weer krimpen kan, nu we als mensheid weer voor datzelfde keuzemoment staan, en ons lijken te verengen op één zaak: overleven.
Maar we kunnen ons nu wel in gemoede afvragen: willen wij dit nu nog? Of willen wij geluk?
Kosmisch geluk bestaat uit het erkennen en doorleven van samenhang, eenheid.
Juist door die oude, o zo oude kwestie onder ogen te zien, kunnen wij die zelfde energie ombuigen tot het tegendeel: ons bewustzijn doelbewust verwijden tot het bovenpersoonlijke, tot bewustzijn van verwevenheid en eenheid. Vanaf mijn herinneringsvisioenen (waar ik fysiek nog niet van hersteld ben) houd ik me daarmee bezig (net als jullie waarschijnlijk), en zie ik elke dag dat dit heel wel mogelijk is. Temeer doordat Boven-menselijke Krachten in en buiten dit zonnestelsel ook die richting uit willen en ons van harte hun liefdesenergie als begeleiding daartoe sturen. Dit kun je lezen in zoveel channelings, zoveel boodschappen.
Wat die gouden boodschappen echter nauwelijks zeggen is dat elke mens met een bepaalde mate van zelfbewustzijn daaraan actief mee zou ‘moeten’ werken; het broodje wordt niet meer voor ons gesmeerd, en wij kunnen het beleg zelf kiezen. Dit vloeit voort uit onze volwassenwording. Vrijheid van keuze echter staat nog steeds voorop; dat maakt het op punten van evolutie nou net zo spannend!
Het is deze mega-keuze die ons collectief bewustzijn rusteloos maakt. Deze rusteloosheid druppelt door naar ons individuele bewustzijn, vooral ‘s nachts. De onrust in de wereld wordt heftiger. De beide kanten, oud en nieuw, weren zich. Wie gelooft in het alleen-stoffelijke en psychische, ziet alleen stof en voelt alleen psyche.

"Of je er nu in gelooft of niet, je Lichtkant was er altijd al, is er steeds, en zal er altijd zijn. Alleen JIJ bepaalt of je je Lichtkant ervaart of niet. Het is onze Lichtkant die ons voortstuwt, maar tegen ongeloof of doodzwijgen kan zij niet op. Materie is zwaar."
Wie gelooft in een kant in zichzelf die nooit van het Licht gescheiden is geweest, en die levens lang incarneerde om weer naar het punt van vreugde te komen, die ervaart haar of zijn Lichtkant.
Met geloven bedoel ik niet het manipulatieve geloven dat kerken en sektes ons oplegden. Met geloven bedoel ik: ‘toelaten van je innerlijke weten dat het bestaat’!
Nou werkt onze westerse maatschappij daarin niet direct mee. Het grootste deel van onze mensen gelooft niet in een Lichtkant. Een kleiner deel van ons gelooft daar wel in, maar stelt die Lichtkant onder curatele: in navolging van waar kerken ons in gevangen hielden, denken zij dat hun Lichtkant alleen maar ervaarbaar wordt als je héél goed je best doet en tienden aan je kerk geeft. Een nog kleiner deel denkt dat de Lichtkant alleen maar voelbaar wordt als je een ‘nieuw’ Pad betreedt, bij een of andere Meester(es).
Niets is minder waar. Of je er nu in gelooft of niet, je Lichtkant was er altijd al, is er steeds, en zal er altijd zijn. Alleen jij bepaalt of je je Lichtkant ervaart of niet. Het is onze Lichtkant die ons voortstuwt, maar tegen ongeloof of doodzwijgen kan zij niet op. Materie is zwaar. Vooral psychische materie kent diepe groeven en patronen. Dus weer zullen we in onze lichthelft mòeten geloven. En moeten geloven in de volkomen eenheid waarmee onze lichtkant het contact onderhoudt met de levende Bron.
Vanuit ons hart, vanuit ons hele hart.
Vanuit je hart dat jij nu kent als jouw hart, en de stille ruimte erachter die we kennen als ons etherische hart.
Ons hart en de stille ruimte daarachter zijn namelijk onze tijdgebonden polen van aantrekking in de polariteit geest-stof. Trekt je hart geest aan, dan werkt de eeuwige geest, je Lichtkant, in jouw tijdgebonden leven. Stoot je hart -door ongeloof, door gewondheid, door afhankelijkheid aan verouderde denkpatronen- je geest af, dan krijgt je Lichtkant geen kans in dit tijdgebonden bestaan van jou.
Je Lichtkant is geest is Licht is eenheid is jouw Werkelijkheid.
Je hart is de verbinding daarmee. En natuurlijk is jouw hart persoonsgekleurd. Maar dat is juist haar kans! Dát juist biedt haar de mogelijkheid om je Lichtkant binnen dit tijdgebonden bestaan van jou te brengen. En bij ieder van ons kan zij dit op persoonlijke wijze doen. Dat maakt onze persoonlijkheid zo kostbaar. En onze keuze om te geloven zo belangrijk, juist dit persoonlijke.
Hart
Wat ik de afgelopen maanden leerde, en wat ik nu als geloof integreer tot in alle cellen van mijn hart, is het werkelijke bestaan van de Bron, die mij ziet. En met ‘zien’ bedoel ik, zoals u weet: dieper ziet dan ik mezelf kan zien. Breder ziet dan ik nu kan weten waar de verwevenheden liggen waar m’n leven op is gebaseerd. Wijder ziet dan dat ik weet waar anderen met mij verweven zijn, opdat dingen kunnen gebeuren die het verstand te boven aan.
Wat ik de afgelopen maanden leerde, en wat ik als geloof integreer tot in alle cellen van mijn hart, is het werkelijke bestaan van de Bron, die de oorsprong is van alles, en alles ziet en ervaart. De Ene Bron, in wie alles leeft. Mijn planten, mijn logeerpoezen, de palm aan de evenaar en de verdrinkende ijsbeer aan de noordpool. Het ijs zelf in de beweging van smelten. De wind die waait. De herinnering en de toekomst.
En ik wil meer één zijn met die Bron, ik wil die Bron voelen en ervaren, ik wil die Bron leven.
Niet alleen omdat ik weet dat een nieuwe episode voor de mensheid alleen mogelijk is via samenleven met de Bron. Niet alleen daarom. Maar vooral omdat ik weet en geloof dat het onze menselijke natuur is om bewust met de Bron samen te leven. Dat het onmenselijk is dit te ontkennen.

Laat je hart-bron-verbinding bloeien!
Elke ochtend sta ik ermee op, elke avond sluit ik ermee af: mezelf plaatsen in de Oorspronkelijke Bron, mezelf en alle wezens, en het licht, de liefde en de energie van de Bron stroomt gelijkelijk door ons allemaal heen, niemand uitgezonderd, geen wezen uitgezonderd………..
Zonder geloof in je Bron, de Bron, kunnen we Hen niet zien, die ons weer injecteren met Licht dat rijst.
Hen die ons bij staan in de klim weg van negatief leren naar positief evolueren.
Anders kunnen wij niet communiceren met Hen die weten, en anders kunnen wij Hen niet vertrouwen en evenmin het Licht dat wij zelf eveneens zijn.
Wij zijn Atlantis, en nog handelen wij beestachtig. Wij zijn Lemurië, en nog steeds leven wij dof als mist.
Maar ook zijn wij de Eeuwigen, de Eindelozen, degenen die Een zijn. Ik weet het. Ik heb het ervaren.
Ervaring liegt niet. Ervaring is naakt.
Wéér hebben we de keus.
Hannah van Buuren/Stichting Poort, 2010.
* * * * * * *
X
Oefening: hoe activeer ik mijn eigen verbinding met mijn Bron en met De Bron?
Lees hem eerst enkele malen langzaam door, en voel daarbij even naar de plaatsen waar het om zal gaan. Zó kun je straks die lijn vloeiend maken,- anders blijft het te mentaal.
Dus eerst paar keer lezen, naar de plaatsen tasten en er even op duwen, en dan pas de meditatie doen.
De lijn is een reeks ademhalingen. Dus niet één enkele grote. Het wordt een soort elektrisch lijntje, stroompje.
Dit is de lijn, dit zijn de plaatsen:
* ga naar de stille ruimte achter je hart, benoem jezelf daar in alle stilte. Leg daar a.h.w. je handtekening onzichtbaar neer in wit. Neem de tijd hiervoor! Voel je hier thuis. Voel je hier fundamenteel veilig. Neem de tijd.
* ga nu naar je epifyse. (Je epifyse ligt recht achter je ajna, in het midden tussen voor- en achterkant.) Open daar een rode robijn. Verwijl een tijdje in je epifyse met de rode robijn.
* visualiseer vanuit je epifyse, langs je kruin, een witte lichtkolom, zo hoog als je kunt. Soms zie je daar je Bron in oplichten. Vaak zie je daarin niets dan eindeloos wit licht.
* laat dit licht binnenstromen in je epifyse, de robijn wordt een wit lichtpunt.
* trek nu van daaruit een lichtlijn over je rug terug naar achter je hart.
* van daaruit naar de plek tegen je ruggengraat aan daar waar je 1e en 2e chakra zitten: stuit en sacraal. Je zult het daar voelen opgloeien en soms zul je iets erotisch voelen. Geniet daarvan.
* trek je nu weer op naar je hart, en adem rustig in en uit, in en uit……
* dit wordt langzaam vanzelfsprekender naarmate je het vaker doet. Je kunt deze oefening dan ook doen tijdens je werk, als je geïnspireerd wilt werken.
Fantastisch om dit te doorvoelen.