Advertentie

E-book Lyme Kaj Alexander

‘Ver-tellen’; de verteller vertelt!


Johan Oldenkamp vertelt. Of ‘vertelt zich’.. Een woordgrapje, maar je weet wat hiermee bedoelt wordt. De dubbele betekenis van ‘vertellen’.. Cijfers en vooral getallen vormen een onzichtbaar fundament onder ons bestaan. Evenals de onzichtbaar moleculaire, geometrische structuren van onze cellen en atomen, zo onzichtbaar is de getalmatige ordening die eveneens aan het fundament van ons leven ligt.

Ook het woord getal komt van ‘tellen’.. Numerologie en wiskunde lijken ook niet meer zo heel ver van elkaar verwijderd. Daar waar wiskunde de mathematische rekenkunde onderwijst, doet numerologie er een schepje bovenop, door emotionele factoren toe te voegen aan de getal-waarde.

Kortom, een fascinerend terrein, als je al eens te maken hebt gehad met deze numerologische wereld. Geïnteresseerd? Lees dit artikel. Dankjewel ‘Johan de verteller’, voor deze reflectie!

(Ben je geïntresseerd in deze numero-logische duiding, dan kunnen we je de verschillende artikelen hierover op WantToKnow van harte aanbevelen. Zie voor de links onder het artikel.)

X

* * *

Ver-tellen

©  Johan Oldenkamp, 17 Mei 2010

x

Dr. Johan Oldenkamp en de getallen in één ver-telling..

Communiceren met woorden is zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten. Zelfs al spreken twee mensen dezelfde moedertaal, dan kunnen de associaties en bijbehorende belevingen per woord verschillen. Communiceren met geometrische figuren (zoals via fascinerende formaties in gewassen, zand, sneeuw of waar dan ook in) is al veel nauwkeuriger, maar vraagt tevens meer inspanning van de lezer om de betekenis te vinden.

De enige universele taal waarmee ruisvrij kan worden gecommuniceerd kent alleen maar cijfers. De schrijfwijze en de uitspraak van ieder cijfer is niet overal gelijk, maar er is altijd een 1-op-1 vertaling mogelijk. De ene betekenis van bijvoorbeeld het cijfer 1 is universeel en daarmee overal hetzelfde in ieder universum.

Steeds meer mensen brengen het ‘ware’ verhaal naar buiten. Er komen steeds meer websites, boeken, artikelen (in tijdschriften of op het internet), filmpjes, discussiefora, lezingen en bijeenkomsten. Het resultaat is een overvloed aan woorden, schema’s, beelden en gewasformaties (door velen nog steeds graancirkels genoemd), waarin steeds meer diepgang lijkt te zitten. Dit zal de komende maanden alleen maar meer worden.

Uiteindelijk zullen we behoefte krijgen aan een universele taal om het geheel van alles (het heel-al) in uit te drukken. In de universele cijfertaal kunnen we het gehele verhaal van alles in het heelal heel compact als volgt samenvatten:

0 1 2 3 4 5 6 7 8 9

Wie de volledige betekenis van dit allesomvattende cijferverhaal begrijpt, die begrijpt alles. Graag wil ik in dit artikel mijn huidige begrip hiervan delen, zodat dit verder aangevuld kan worden. De titel luidt ver-tellen, want via het tellen (lees: het toelichten van ieder volgend telgetal) beoog ik de verte (lees: de onderlinge afstanden tussen ons begrijpen) te overbruggen.

0

De 0 staat voor het geheel waarin alle mogelijkheden besloten liggen. Dit is het nulpunt. Dit symboliseren we door het midden van de omringende cirkel open te laten.

1

De 1 staat voor de fundamentele Eénheid van alles. De kracht die de Eénheid bijeen houdt is Liefde. Waar Liefde ophoudt, daar begint de verdeeldheid (of de dualiteit).

2

De 2 staat voor de beleving van dualiteit. Alle ‘waarheid’ uitgedrukt in woorden (inclusief dit artikel) is als een glas dat gelijktijdig half vol en half leeg (of ledig) is. De waarheid (van de Eénheid) is altijd vol-ledig (als de 0) vanwege de liefdevolle versmelting van de (duale) tegenstellingen (van vol en ledig). Het samenspel van de dualiteit (zwart en wit) komt ook tot uitdrukking in millenniaoude bordspelen als go, schaken en dammen. Het symbool voor dualiteit kennen we als yin yang.

3

De 3 staat voor de drie-éénheid. Iedere éénheid bestaat uit drie samenstellende delen. Zo bestaat een atoom uit protonen (positief), elektronen (negatief) en neutronen (neutraal). Op ieder niveau zien we deze drie-éénheid. Op individueel niveau maakt het ego zich druk om erkenning, gemak en overleving. Op planetair niveau spelen het Vaticaan, London City en Washington DC samen de baas (op eenzelfde manier). Zodra we niet langer gehoorzamen aan anderen of aan het ego, dan leven we vanuit drie-éénheid van lichaam, geest en ziel. Het symbool voor de drie-eenheid is een 3hoek in een cirkel.

4

De 4 staat voor het kwartet. Dit zijn 4 kwadranten die samen één geheel vormen. We kennen dit onder andere als de 4 seizoenen (winter, lente, zomer en herfst), en als de vier richtingen (Noord, Oost, Zuid en West). Ook wat wij materie (of stof) noemen, kent 4 aggregatieniveaus. Deze zijn vaste stof, vloeibare stof (of vloeistof), gas (of stof in gasvorm) en plasma (stof in geïoniseerd gas). Ook in het kaartspel komt deze vierdeling naar vormen via de symbolen van schoppen, harten, klaver en ruiten. Een vierdeling is een dubbele tweedeling (een verdeling in twee dimensies). Dit kunnen we weergeven als een 4kant met een kruis in het midden, waardoor de verdeling in kwadranten ontstaat. Het kruis (beide dimensies) is dus het symbool voor het kwartet.

5

De 5 staat voor de 5 elementen. Dit zijn de stoffelijke representaties van de 5 Energievormen. De eerste vier komen precies overeen met de vier aggregatieniveaus. Deze zijn Aarde (vaste stof), Water (vloeistof), Lucht (gas) en Vuur (plasma). Dit zijn tevens de verschillende vormen van energie die we kennen. Aarde staat voor fysische energie (zoals kinetische energie en gravitatie). Water staat voor magnetische energie. Lucht staat voor chemische energie. En Vuur staat voor elektrische energie.

In de 5e energievorm zijn de hoogste trillingsfrequenties mogelijk. Deze vorm wordt Ether genoemd. Alles in de totale Cosmos is niets anders dan een (onophoudelijk) samenspel van energieën in deze 5 vormen. In het stoffelijke zien we dit ook terug in de 5 platonische lichamen: de tetraëder (Vuur), de kubus (Aarde), de octaëder (Lucht), de dodecaëder (Ether) en de icosaëder (Water). Het symbool van de 5 Energievormen is het pentagram.

6

De 6 staat voor de ruimte. Om precies te zijn staat het voor de beleving van beweging in ruimte. Velen verwarren ruimte met tijd. En sommigen gooien beide begrippen domweg op één hoop (en kakelen dan over het ruimte-tijd continuüm). Wij meten onze tijd aan de hand van bewegingen in de ruimte. Iedere beweging is relatief, want niets staat stil (panta rei). Onze tijdsmeting meet in eerste instantie de relatieve beweging van de planeet Terra (waarvan wij ons op de buitenkant bevinden) ten opzichte van de dichtstbijzijnde ster (of zon) genaamd Helios.

Terra draait om haar eigen as. Vanaf het buitenoppervlak van Terra gezien beschrijft door deze (dagelijkse) rotatie Helios een boogbaan aan de hemel. ’s Ochtends verschijnt Helios (in het Oosten) van onder de horizon. Het hoogste punt (precies in het midden van de waargenomen zonnebaan) wordt het zenith genoemd. En ’s avonds verdwijnt Helios (in het Westen) aan de andere kant weer onder de horizon. Tussen het moment waarop Helios ’s avonds de horizon ‘raakt’ en het moment waarop Helios helemaal onder is zitten precies twee (van onze) minuten.

De periode waarop Helios te zien is noemen we dag. Gemiddeld duurt deze dagperiode (evenals de nachtperiode) 12 (van onze) uren. Wanneer we 12 uren delen door 2 minuten dan krijgen we 360. Er passen dus precies 360 zonnen in de waargenomen hemelboog van Helios. En op dit aantal van 360 is onze tijdmeting gebaseerd. Dit tijdmeetsysteem stamt uit Sumerië en alles draait daarin om het getal 6.

Het (duale) ritme van dagen en nachten is (voor zover wij weten) eindeloos. Een oneindige beweging symboliseren we met een lemniscaat bestaande uit twee doorlopende (en tegengestelde) cirkels. Iedere cirkel verdelen we (sinds Sumerië) in 360 booggraden. Elk van de 360 graden (van de dag-cirkel) komt precies overeen met een volgende zonnepositie van de waargenomen hemelboog. Het lemniscaat van een volledige rotatie van Terra (een etmaal) hebben we vervolgens verdeeld in vier kwadraten.

De eerste dimensie is (zoals reeds naar voren gebracht) die van dag en nacht. De tweede is die van voor en na het midden. Het midden van de dag is de mid-dag, en de twee helften van de dag zijn daarom voormiddag (of ochtend) en namiddag. Het midden van de nacht is de midder-nacht, en de twee helften van de nacht zijn daarom voormiddernacht (of avond) en namiddernacht. Elk van deze kwadranten van een etmaal hebben we verdeeld in 6 uren. De wijzerplaat komt overeen met een volledige cirkel (oftewel een half lemniscaat) en geeft daarom twee maal 6 uren weer.

Naast een urenwijzer kennen de meeste klokken ook een minutenwijzer, waarbij dezelfde cirkel verdeeld is in tien maal 6 minuten (binnen ieder uur). En sommige horloges kennen vervolgens ook nog een secondenwijzer, waarbij iedere minuut verdeeld is in tien maal 6 seconden.

Ook een volledige rondgang van Terra om Helios is een cirkel. En ook deze cirkel hebben we verdeeld in twee maal 6 delen, namelijk in zowel 12 maanden als in de 12 dierenriemtekens. Het getal 12 staat voor de gehele cirkel, waarin we de dualiteit (2 helften van 6), de drie-éénheid (3 eenheden van 4) en het kwartet (4 kwadranten van 3) aantreffen.

De 6 (en alle veelvouden hiervan) heeft dus betrekking op (de bewegingen in) de ruimte. We symboliseren dit door drie (orthogonale) assen (de x-as, de y-as en de z-as) die alledrie een positieve- en een negatieve richting kennen. In totaal zijn dit de 6 richtingen die wij gebruiken om de ruimte op te spannen.

Om een punt in de ruimte exact aan te duiden hebben we drie paren van punten nodig, waarbij het kruispunt van de drie pijnen tussen de puntparen het aan te duiden punt is. Het aantal van 6 (of het dubbele hiervan) zien we nadrukkelijk terug bij ieder platonisch lichaam. De tetraëder heeft 6 zijden. De kubus heeft 6 vlakken en 12 zijden. De octaëder heeft 6 hoeken en 12 zijden. De dodecaëder heeft 12 vlakken. En de icosaëder heeft 12 hoeken.

Ook de priemgetallen wijzen ons op het getal 6. Want wanneer we alle gehele getallen in 6 richtingen uiteenleggen, dan bevinden de priemgetallen zich in slechts 2 richtingen. En in het ritme waarin deze primaire getallen daarin opduiken tussen de overige (secundaire) getallen vervult het kwadraat (tot de 2e macht) van ieder priemgetal (dat in slechts één van beide (primaire) richtingen voorkomt) een startrol (zoals ook gepresenteerd in een korte filmpje).

Het symbool van de 6 is het Zegel van Salomon (een cirkel met daarin twee driehoeken over elkaar). Ook kunnen we het driedimensionale assenstelsel beschouwen als een weergave van 6, zelfs wanneer deze niet orthogonaal is.

7

De '7', zoals die gemanifesteerd werd in een graancirkel (2008)

De 7 staat voor de toonladder. De 7 tonen van deze ladder kennen we als do, re, mi, fa, sol, la en si. De toonladder geeft de natuurlijke stappen weer waarmee trillingsfrequenties op (of af-) lopen. Alles is energie, en dus is alles trilling. Bij het samenspelen van de energieën draait alles om de frequenties.

Deze frequenties beïnvloeden elkaar. Ze kunnen elkaar versterken (resonantie), verstoren (dissonantie), versnellen of vertragen. Dit zijn weer vier kwadranten. Bij resonantie of dissonantie wordt de gezamenlijke amplitude beïnvloed, en bij versnellen of vertragen de golflengte.

Natuurlijke trilling hebben zich gegroepeerd (via onderlinge aantrekking en afstoting) rond bepaalde frequenties. Dit zijn de trillingstreden van de toonladder. Het geheel van alle natuurlijke trillingen in het universum is als één lied. Dat is dan ook precies de betekenis van uni (één) versum (lied).

8

De 8 staat voor het octaaf. Het Latijnse octo betekent acht. Een octaaf is een gehele toonladder plus de eerstvolgende do. De trillingsfrequentie van de hoogste do is twee maal zo snel als die van de laagste do. Het octaaf staat dus voor een trillingsverhouding, namelijk een verdubbeling. De 8 heeft alles met de 2 en de 3 te maken.

Allereerst is 8 gelijk aan 2 tot de 3e macht. Dit zijn bijvoorbeeld de 3 orthogonale 2delingen, die ieder staan voor een deel van de ruimte opgespannen in 2 maal 3 richtingen. Dit kunnen we ook weergeven met de 8 trigrammen (van de I Tjing). Naast het octaaf zijn ook de kwint (2:3) en de kwart (3:2×2) harmonische trillingsverhouding, die eveneens draaien om de getallen 2 en 3. In een harmonisch octaaf vinden we vier kwinten en vier kwarten, wat samen 8 geeft.

Bovendien is ook de verhouding tussen twee opeenvolgende tonen van een harmonisch octaaf altijd die tussen een macht van 2 en een macht van 3. En, om het geheel te competeren, in de zeven treden tussen de laagste- en de hoogste do, vinden we achtereenvolgens 2 maal een grote sprong, dan een kleine, vervolgens 3 maal een grote en dan weer een kleine. Er zijn in een octaaf dus vijf van deze grote sprongen tussen twee opeenvolgende tonen van een octaaf (eerst 2 maal en dan 3). In ieder grote sprong past een halve toon.

Dit zijn de zwarte toetsen van de piano. Samen met de 8 witte toetsen van de hele tonen geeft dit in totaal 13 hele- en halve tonen. Het getal 13 staat voor de schepping. De schepping is het proces waarbij de energietrillingen een octaaf omhoog worden gebracht. En dat proces voltrekt zich in 13 fasen. Deze 13 fasen kunnen we (duaal) verdelen in 7 dagen en 6 nachten, waarbij de zevende dag gelijktijdig de eerste dag (of do) is van het volgende scheppingsoctaaf (en dus allesbehalve een rustdag is). Zoals de 12 staat voor de cirkel, zo staat de 13 voor de spiraal. En ook in het reeds aangehaalde kaartspel zien we 13 kaarten per symbool.

9

De 9 staat voor het enneagram. Het Griekse ennea betekent negen. En net als bij het octaaf spelen de cijfers 2 en 3 een cruciale rol binnen de betekenis van het enneagram. Ook is 9 gelijk aan 3 tot de macht 2. Daarnaast toont het ennegram de drie-éénheid van 7, 8 en 9, gesymboliseerd door de driehoek in het midden van het enneagram. Elk van de negen punten van het enneagram is via een rechte lijn verbonden met een ander punt. Iedere rechte lijn is dus een verbinding van 2, en representeert de trillingsverhouding tussen beide punten. We kunnen ieder punt ook zien als het midden van beide lijnen die van en naar ieder punt gaan, waardoor ieder punt het (energetisch) midden vormt van 3 (punten).

De rechte lijnen die niet de driehoek vormen (maar de zeshoek) representeren de breukenreeks van 7 wanneer de cijfers 1 tot en met 9 bij de hoekpunten worden geschreven, met het cijfer 9 bovenaan. Daarmee wordt tevens de richting van ieder lijnstuk duidelijk.

Getallen tonen de universele verbinding-achter-de-schermen!

Het enneagram geeft de 7 tonen van de toonladder samen met beide schokken die nodig zijn om bij de kleine sprongen omhoog te komen (daar waar geen halve tonen aanwezig zijn). De toppositie van het enneagram geeft daarom zowel de laagste- als de hoogste do weer, waarmee het enneagram tevens een symbool is van een octaaf.

De totale schepping (die nog steeds gaande is, tot het ‘einde der tijden’) kent daarom precies 9 niveaus. Ieder scheppingsoctaaf (van 13 fasen) brengt het bewustzijn naar een hoger niveau. Dit wordt bijvoorbeeld gesymboliseerd door de 9 treden van diverse Maya-tempels.

Aan de hand van deze 9 niveaus (van de schepping) kunnen we alles een plekje geven. De onderste 7 niveaus komen precies overeen met de (eerste) 7 chakra’s, en daar weer de onderste drie (-éénheid) van tonen ons haarfijn de werking van het ego. De onderste vier niveaus beschrijven precies onze vier gelaagde intelligentiesystemen.
Dit zijn de cellulaire intelligentie (afkomstig van de 50 triljoen cellen die gezamenlijk ons fysieke lichaam vormen), de instinctieve intelligentie (afkomstig van onze hersenstam of reptielenbrein), de emotionele intelligentie (afkomstig van het limbisch systeem) en de cognitieve intelligentie (afkomstig van de neocortex). Dit alles wordt uitgebreid beschreven in het boek ‘Liefde voor wijsheid’ (de letterlijke betekenis van filosofie), dat gratis via www.pateo.nl gelezen of geprint kan worden. Het scheppingsproces van de 9 octaven is ook te bekijken in een videopresentatie (van een klein uur, getiteld Schepping).

Dit is het gehele verhaal over het al en het alles, samen te vatten als 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9. Dit is de kern van wat ik hier graag wil ver-tellen. Maar nu we deze basis gedeeld hebben, kunnen we verder gaan in het begrijpen van wat tijd nu werkelijk is. Zoals gezegd meten we tijd aan de hand van (relatieve) bewegingen van hemellichamen (planeten en sterren). Alle kalendersystemen zijn representaties van deze ruimtelijke bewegingen.

De Gregoriaanse kalender geeft in eerste instantie de rondgang van Terra om Helios weer. Exact één rondgang wordt een siderisch jaar genoemd en duurt 365,25636 dagen. De Gregoriaanse kalender werkt daarom met gewone jaren van 365 etmalen en schrikkeljaren met een etmaal meer. Daarnaast gaat gelijkertijd de maan Luna rond om Terra (in 27,3 dagen). In deze periode schuift ook Terra een stukje op (in haar rondgang om Helios). De volledige beschijningscyclus (tussen twee volle manen) duurt daarom 29½ dag. Ook deze (waargenomen) maancyclus is (min of meer) verwerkt in de Gregoriaanse kalender, want het woord maand komt van maan.

Wanneer we uitgaan van een siderische maand (dus precies één rondje van Luna om Terra), en we ronden dit naar boven af op 28, dan passen er 13 maanden in een jaar (wat in totaal 364 dagen is). Omdat de echte siderische maand ruim tweederde dag korter is dan deze periode van 28 dagen (wat zo mooi een kwartet weken is), heeft een zuivere 13-manenkalender om de twee jaar slechts 12 maanden.

Het bijhouden van de rondjes van Terra om Helios of die Luna om Terra resulteert in cyclische kalenders (voornamelijk gebaseerd op 12). Naast deze cirkelkalenders kenden de Maya’s ook spiraalkalenders gebaseerd op 13. De meest bekende Maya-kalender is de Tzolkin, wat letterlijk het tellen van de dagen (eigenlijk etmalen) betekent. De Tzolkin bestaat feitelijk uit twee tandwielen die ieder etmaal een tandje omhoog gaan. Het kleinste wiel heeft 13 tanden en dat zijn precies de 13 fasen van de schepping (ook wel tonen genoemd).

Het grootste wiel kent 20 tanden, en dat worden de zonnetekens genoemd. Het getal 20 komt in de natuur voor als de volgende trede waarop leven mogelijk is. Op de trap van het allerkleinste- tot het allergrootste levende organisme zien we telkens een vergroting met factor 20. Ook wanneer we vier binnenste kleine planeten van ons zonnestelsel vergelijken met de vier grote zien we deze factor 20 terug. Het grondtal voor natuurlijke logaritmen (e) is verheven tot de 3e macht nagenoeg gelijk aan 20. De Tzolkin telt (tzol) in totaal 13 maal 20 is 260 dagen (kin).

Een andere Maya-kalender is gebaseerd op perioden van 360 dagen genaamd Tun. Ook in deze Tun-kalender spelen de getallen 13 en 20 de hoofdrol. De Tun-kalender toont de 9 scheppingsoctaven (van ieder telkens 13 fasen of tonen) waarbij telkens bij de aanvang van het 13e van de 20 delen van de 13e fase (of 7e dag) de sprong naar het volgende octaaf wordt gemaakt, waardoor de scheppingstijd met een factor 20 versnelt.

Deze Tun-kalender wordt verschillend geïnterpreteerd, maar iedereen die vasthoudt aan de 20-voudige tijdsversnelling voor elk van de 9 scheppingsniveaus kan alles uit het verleden, heden en toekomst begrijpen en laat zich niet langer in verwarring brengen door afwijkende interpretaties. Iedereen die het bovenstaande verhaal van 0 tot en met 9 echt heeft begrepen, die snapt dat “21 december 2012” precies 14 maanden min één week eerder plaats gaat vinden.

Wanneer we de Tzolkin en de Tun-kalender in samenhang bestuderen, dan zien we hoe ruimte (gebaseerd op 12) en tijd (gebaseerd op 13) samenhangen. Er passen precies 52 Tun (van 360 etmalen) in 72 Tzolkin-perioden (van 260 etmalen). Het aantal van 52 is een kwartet van 13 (evenzo is 52 weken gelijk aan 13 “manen” van ieder een kwartet weken). En het getal 72 is de dubbeling van 6 maal 6.

Ook in de precessiecylus (van in totaal 25.920 jaar) zien we het getal 6 nadrukkelijk terug, want deze cyclus omvat precies 72 maal 360 jaar. Deze cyclus (door Plato een Grootjaar genoemd) is verdeeld in 12 tijdperken of Aeonen, waarbij ieder tijdperk (zoals dat van Vissen) precies 6 maal 360 jaar duurt.

Wie het verhaal van 0 tot 9 echt doorgrondt, die komt alleen maar meer verbanden tegen. Het getal 33 is voor vele geheime genootschappen zo belangrijk omdat het de optelling is van 13 en 20. De top van deze clubjes begrijpt de getalsmatige essentie van de schepping (zoals hierboven beknopt uitgelegd). En daarom vinden we in al hun daden (of scheppingen) betekenisvolle getallen. Opgeteld geeft 9/11 het getal 20. En de aanslag in London was op 7/7. Er zijn nog veel en veel meer voorbeelden te geven. Maar telkens weer komt het allemaal neer op het basisverhaal van 0 tot en met 9.

Wie van 0 tot 9 kan tellen,
die kan alles tot op de kern afpellen.

Help mee dit verhaal te ver-tellen,
waarin de tijdsbeleving blijft versnellen.

Het oude gaat ons steeds meer beknellen,
en samen met alles gaan ook wij vervellen.

Johan Oldenkamp

Zeist, 17 mei 2010 / Pateo.nl

13 thoughts on “‘Ver-tellen’; de verteller vertelt!

  1. tja johan ,
    fouten maken is menselijk zo ook in je priem ritme filmpje

    http://www.youtube.com/watch?v=HmRalFkPtoM
    1 stelling van stelling van Pythagoras heb je fout het is a2 + b2 = c2 en niet zo als jij claimt in je filmpje a2 x b2 is c2 op 3 minuut 10 in je filmpje

    en volgens jou methode is 25 ook een priemgetal en dat staat op 6 minuut 00 in je filmpje

    ben je er in de 5 dimensie niet meer van bewust dat je zulke fouten maakt als “wetenschapper” ?
    hoe verklaar je dat je in een reactie van je op deze site het priem ritme als grote wiskundige doorbraak pas gaat publiceren als de msm er aandacht aan besteed. de msm heeft dat nog niet gedaan en door de fouten die er in zitten snap ik ook waarom.

    tevens valt me op dat je priem ritme methode een afgeleide is van de zeef van Eratosthenes

    waarom doe je dat zo johan ?
    en dat is een oprechte vraag !

    Vriendelijke Groet Gait

    1. Gait, 5D is niets meer dan een ordinaire hug die je elkaar geeft bij het zien van elkaar in een wel gemeende vorm van lief zijn voor elkaar.

      Niet alle blanken mensen kunnen dat omdatde meeste erg harteloos zijn hebben zij nog last om die afstand naar 5D te kunnen overbruggen.

      Elke gekleurde mens doet al eeuwen niet anders dan elkaar zoenen en behuggen en zonder schroomd geliefd aan elkaar zijn.
      Bij ons de blanke mens is dat nogal taboe en ongeoorlooft en men komt niet verder dan een schutigere hand en of een ontwijkende blik.

    2. helemaal gelijk Paul (heb een paar druppel mediterraan bloed)
      Toch jammer dat oldenkamp niet reageert, ik durf het bijna niet te zeggen , maar ik doe het toch !
      he oldie CHICKEN !!
      wat ben je voor leraar als je niet onderwijst ?
      wat ben je voor leraar als je vragen niet beantwoord ?
      wat ben je voor leraar als je zulke fouten maakt ?
      wat ben je voor leraar als je niet eens in discussie durft te gaan ?

  2. Terra staat voor 7 en niet voor zes, als je vanaf Pluto telt richting de zon is de Aarde Hemellichaam 7.
    Ook als we de sumerische kleitabletten bekijken en lezingen van Zecharia Sitchin volgen stuiten we continue op 7 uit.

  3. Graag deel ik hier ook de reactie die ik via email ontving van Marc Smulders. Hij heeft me toestemming gegeven deze reactie hier te plaatsen. Meer over het werk van Marc is te vinden op http://www.33mm.eu.

    “Je schrijft dat cijfers een universeel verhaal vertellen dat overal hetzelfde is. Je stelt dat “je je huidige begrip hiervan wilt delen, zodat dit verder aangevuld kan worden”. Het is mooi dat universele verhaal weer te kennen en het typische van de huidige tijd is dat we zo ver van onze oorsprong zijn verwijderd, dat we de grootste moeite hebben dit verhaal weer op te rakelen. De discussie (geen dialoog) en verwarring over de getallen 12 en 13 spreken daarin boekdelen. Het verhaal is dus inderdaad universeel, maar de mens kent het verhaal niet meer. In dat kader moet je dan ook onderstaande aanvullingen en commentaren zien, die “mijn universele waarheid” van de cijfers en getallen voor het voetlicht brengt en een aanvulling vormt ter overdenking. De cijfers vertellen – net als de tonen der schepping – een verhaal en dat mis ik nog een beetje in je stuk. Her en der een plaatje (b.v. enneagram) kan ook geen kwaad.

    De 0 is de leegte, de oorsprong, van waaruit alles ontstaat en waarin alles terugkeert. De 0 omvat niets en tegelijkertijd alles. Het is het enige cijfer dat geen rangtelwoord kent. Je kunt nooit praten over “nulde”: het is niet aanwijsbaar en heeft dus geen rangvolgorde, juist omdat het de alles omvattende eenheid omvat. In plaats van over eenheid zouden we dus over “nulheid” of over leegte moeten spreken. In de Maya-filosofie is 0 meestal niet het begin, maar het einde van een cyclus, omdat het de cirkel sluit.

    De 1 staat paradoxaal genoeg niet voor de eenheid, zoals je stelt (want dat is de 0), maar voor de eerste beweging, de eerste afscheiding; het is het eerste aanwijsbare getal dat een rangvolgorde kent. De 1 staat voor het verlaten van de eenheid, de geboorte om een nieuw avontuur tegemoet te treden en dat vergt vertrouwen. Op je “eentje” ken je ook geen liefde, want je bent uit het paradijs geschopt. De eerste impuls tot overleven is begonnen en dat manifesteert zich in het ego, dat je zo mooi met erkenning, gemak en overleving verbindt (zij het in relatie met de 3). De 1 in zijn meest enge voor staat dus voor het ego: de illusie van afgescheidenheid. In de meest “primitieve” numerologie kunnen we alle getallen benoemen als zijnde even of oneven. De 1 staat voor de oneven getallen, de 2 voor de even getallen. Alle oneven getallen hebben dus tevens kenmerken van de 1 in zich: de naam oneven zegt het al: het creëert onevenwichtigheid in de meest brede zin van het woord: deze is het gevolg van elke nieuwe beweging of de animus, wat per definitie betekent dat de oorsprong wordt verlaten.

    De 2 staat inderdaad voor de dualiteit zoals je stelt en tevens voor de spiegel die anderen voor je vormen. Het is de eerste manifestatie van het ego van de 1. Alle even getallen hebben tevens kenmerken van de 2 in zich: het spanningsveld dat ontstaat door 2 tegenpolen, waarin het evenwicht moet worden hervonden; het staat daarmee ook voor het vrouwelijke of de anima in de mens. De balans van het mannelijke en vrouwelijke principe van de 1 en de 2 vind je ook terug in de afwisseling van maanden van 30 en 29 dagen: even en oneven.

    De 3 staat voor de creativiteit waarmee je in staat bent met tegenpolen om te gaan, zodat deze met elkaar worden verbonden: dan ontstaat er liefde. De 3 staat dus voor liefde, harmonie en creativiteit, de verbinding van het bewustzijn (bovenpool), het onderbewuste (onderpool) met je innerlijke kern: het hart of het innerlijke kind, wat ik ook met sterrebewustzijn aanduid. Het heeft geen relatie met het ego, in tegendeel. Op een ander niveau staat het ook voor de drie-eenheid van lichaam, geest en ziel. Het is het kleinste getal dat stabiliteit kent (een tafel heeft minimaal 3 poten). In de Kabbala worden cijfers onder de 3 zelfs omgezet naar zijn complement van 7 (0 wordt 7, 1 wordt 6, 2 wordt 5). Dit maakt duidelijk dat ego en dualiteit (de 1 en de 2) dienen te worden getransformeerd naar zijn tegendeel. De 7 is de mystieke manifestatie van de verbinding met onze oorspronkelijkheid (zie verder).

    De 4 staat voor de 4 windrichtingen, het kruis en de doorkruising van het bestaande, doordat de bevruchting van de 3 nu vorm krijgt. De 4 staat dus ook voor de vorm. Een lichaam van een aantal vlakken in 3 dimensies heeft minimaal 4 hoekpunten (b.v. tetraëder).

    Zoals je de 5 met de 5 elementen verbindt klopt helemaal. In b.v. de Griekse elementenleer kent men slechts 4 elementen. Het 5de element ether ontbreekt. Dit element zorgt voor de bezieling, zodat datgene wat bij de 4 vorm heeft gekregen ook kan worden uitgedragen. Het staat daarom ook voor de bezieling van de mens: het is daarom ook het getal van de mens en het middelste cijfer in de reeks van 1 tot 9.

    Terwijl de 3 staat voor de creativiteit, staat de 6 voor het hervinden van het evenwicht in datgene wat door 5 wordt uitgedragen. Het symbool is 2 omgekeerde driehoeken: de verbinding van hemel en aarde, yin en yang in een cirkel. Je stelt dat 6 staat voor (cirkelvormige?) bewegingen in de ruimte met een heel verhaal daarom heen. Maar de bewegingen in de ruimte kunnen op talloze manieren worden ingedeeld (4 seizoenen, 12, 6, 2, 3, 13 etc.), want wat je beschrijft staat feitelijk voor de bewegingen in de allesomvattende cirkel, de 0 en is niet specifiek aan een cijfer gekoppeld, of hooguit het getal 12 of 24, omdat dit de 2, 3, 4, 6 en 12 omvat.

    De 7 verbind je met de toonladder en zo had ik het nog niet bekeken. De 7 tonen van de toonladder staan dan in verband met het universum, het mystieke universele lied. Overal vind je de 7 terug als mystiek getal: het ultieme idee of de universele waarheid dat na het herstel van de 6 geen tegenpool kent (het midden van de 13 tonen der schepping, de top van de golf). Het is daarom het mystieke getal dat nauw met het universum is verbonden en geen strijd of tegenpolen kent. De 7 is wel een oneven getal, waarbij de “onevenwichtigheid” daaruit bestaat dat het in de afgescheidenheid waarin we op aarde leven zich op het universum wil richten en staat daarom ook symbool voor allerlei idealen. De wekelijkse gang naar de kerk is een manifestatie daarvan. De 7 dagen in de week creëren sleur, doordat we nooit de hemel op aarde kunnen brengen, zonder daarin de krachten van yin en yang te betrekken. In negatieve zin draagt de 7 het gevaar in zich dat het idealisme ons afscheidt van het aardse bestaan: de illusie van de wereldgodsdiensten in een nauwe relatie met de 7 dagen in de week zijn daar een manifestatie van: De week verdwijnt samen met de wereldgodsdiensten van het wereldtoneel! De rol van de 7 keert terug naar waar het thuishoort: als mystiek getal dat je vaak slechts via een achterdeur tegenkomt, in de muziek en de kunst (b.v. 7 hoofdkleuren) en in de 7 hoofdchakra’s bij het lichaam.

    De 8 of de lemniscaat staat voor de oneindigheid. Het symbool daarvan laat zien dat we in een eeuwige beweging in beide richtingen uitwijken, maar steeds weer naar het midden terugkeren: het staat voor de voortdurende zoektocht naar de ultieme balans in een nauwe verbinding met het hart of onze kern, die een voortdurende vernieuwing teweegbrengt. Het staat daarom ook voor een sterke scheppingskracht, die voortvloeit uit het unieke idee van de 7. Wanneer de balans en scheppingskracht van de 8 met de liefde en creativiteit van de 3 wordt gecombineerd, wordt dat nog veel krachtiger en krijgen we het heilige getal 3 x 8 = 24. De numerieke waarde van de getallenreeks van Fibonacci herhaalt zich steeds weer na 24 getallen. De numerologische waarde van b.v. het 25ste getal in de reeks is gelijk aan die van de eerste, die van de 26ste is gelijk aan de 2de etc. De som van deze steeds weer repeterende reeks van 24 numerologische waarden is altijd 117. Dit alles geldt ook voor de afgeleide reeks: de rij van Lucas (1, 3, 4, 7, 11, …). De getallen 24 en 117 = 9 x 13 zijn nauw met elkaar verweven. Groei en ontwikkeling vindt dus altijd in 24 stadia plaats en dat is de belangrijkste reden, waarom in tijdsindelingen in het nieuwe tijdperk, naast 9 en 13 ook het getal 24 een dergelijke prominente rol speelt. Het getal 24 is ook een even getal: het brengt evenwicht aan de schepping van de 9 en de 13 tonen der schepping. De schepping vindt altijd plaats in de balans tussen de animus en de anima, de 1 en de 2! Vandaar ook dat b.v. de 13 tonen der schepping begeleid worden door zonnezegels die zich elke 12 dagen herhalen en vandaar ook dat de 3 Tzolkin-tellingen 24 dagen van elkaar verschillen. Ook in b.v. de Venus-cyclus vinden we de combinatie, zij het niet de combinatie van 13 met 12 of 24, maar de combinatie van 13 en 8.

    De 9 verbindt je o.a. in het kader van de toonladder met de 2 sprongen die er in de 7 tonen van de toonladder zitten. Een unieke vondst en het sluit precies aan op datgene zoals ik de 9 zie: als 7 + 2 of de mystieke kracht van de 7 die zich – voorzien van de yinne en yange kracht van de zon en de maan – sterk naar buiten kan richten. De 9 is daarom in staat op zijn doel af te gaan. De scheppende kracht van de 8 krijgt nu een sterke doelgerichtheid. De 9 is ook het getal van de transformatie. Het integreert alle voorgaande cijfers en transformeert dit. Inderdaad staan ook de 9 onderwerelden (en 9 dagen in de week) in dit verband. De 9 belangrijkste hemellichamen (zon, maan en Mercurius t/m Neptunus) zijn ook in dit verband te zien. De 9 heeft als eigenschap dat getallen die numerologisch 9 zijn ook deelbaar zijn door 9 en dat symboliseert het transformerende karakter van dit cijfer. Het cijfer 9 staat ook voor de goddelijke voltooiing en dat is eigenlijk het enige waarin dit in numerologisch opzicht afwijkt van de 9de toon der schepping.

    De tonen der schepping lopen na het cijfer 9 nog door. De 10de toon de schepping is de manifestatie van de 9. In de numerologie is het een 1 in een verhoogd octaaf.

    Na de manifestatie begint alles weer uiteen te vallen en dat vinden we terug in de 11de toon der schepping die symbool staat voor de tijdelijke chaos die ontstaat wanneer het voorgaande weer wordt losgelaten.

    Van daaruit kan de cirkel weer gesloten worden. Dat is de symboliek van de 12 en de 12de toon der schepping. Het is het heilige getal in verband met een hernieuwd evenwicht (de 6) in een verhoogd octaaf en daarom ook het getal van de samenwerking. In tegenstelling tot de 6 draagt het ook de 4 windrichtingen in zich. Omdat het getal 12 in verband staat met de cirkel (de 0) is het op te vatten als de getallen 0 tot en met 12. Het komt overeen met 3 x 4, waarbij het getal 4 – de 4 windrichtingen – het grondgetal is (ik sluit me in dat opzicht aan bij de opmerking van Peter) dat a.h.w. 3 keer wordt doorlopen. De getallen 0, 4, 8 en 12 zijn dus verwant met elkaar en staan allen in verband met een voltooiing of terugkeer naar de eenheid in een steeds hoger octaaf: Bij de nul is dat de eenheid zelf, bij de 4 is dat het kruis, de doorkruising of de eerste vorm. Bij de 8 is dat de lemniscaat: symbool voor de oneindigheid of de herstelde balans. Bij de 12 is dat de cirkel of de manifestatie van het eenheidsbewustzijn. Zonder de tijd is er ook geen beweging mogelijk, althans niet in het ruimtetijdscontinuüm waarin we leven: beweging is niets anders dan de verbinding tussen ruimte en tijd of de manifestatie in de ruimte van de schepping die in relatie staat met de tijd. Tijd en ruimte zijn middels “mechanische beweging” onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het is precies om deze reden, dat de jaarlijkse “mechanische” omloop om de zon een scheppende kracht in zich vertegenwoordigt, waaraan we bij eenzelfde stand in de dierenriem een begin en eindpunt koppelen en dat in een kalender onderbrengen. Het “mechanisch” doorlopen van de zon door de 12 tekens van de dierenriem vertegenwoordigt dus wel degelijk een scheppende kracht in zich die het jaar in 12 stukken verdeelt. Allerlei volkeren die dat principe toepassen zijn niet helemaal van lotje getikt.

    Tellen we bij de getallenreeks 0 tot en met 12 overal 1 op, dan ontstaan de 13 tonen der schepping. De verwante getallen 0, 4, 8 en 12 gaan dan over in de scheppingsgetallen 1, 5, 9 en 13. De 1 is de eerste afscheiding, wat symbool staat voor de schepping op zich. Zonder schepping is er geen afscheiding. De 5 staat voor de schepping in relatie tot de 5 elementen en tevens voor de scheppende, uitdragende kracht van de mens. De 5 in combinatie met de 4 windrichtingen levert het heilige Mayaanse getal 4 x 5 = 20 op. De 9 staat voor de goddelijke voltooiing en de 13 voor de 13 tonen der schepping. De 13 als afsluitend getal van de 13 tonen der schepping is dus wat de 9 is in de numerologie in een verhoogde octaaf. De 9 en de 13 staan voor de schepping in relatie tot groei en ontwikkeling die in 24 stadia plaats vindt (zie opmerking reeks van Fibonacci). De groeireeks van Fibonacci heeft niets met de tijd van doen, in ieder geval niet in rechtstreeks verband. De getallen zijn dan ook niet één op één te koppelen met ruimte dan wel tijd. 9 en 13 hebben betrekking op de schepping in de meest brede zin en 12 en 24 met de cirkel en de balans en de relatie die we daarmee onderhouden om het evenwicht te bewaren. Als er alleen maar de 13 tonen der schepping zouden zijn, zou alles uit de bocht vliegen en was er geen evenwicht mogelijk. Terwijl de 9 de transformatie is na het bereiken van de ultieme balans (de 8), is de 13 de transformatie die plaatsvindt na het herstel van de eenheid (de 12).

    Nog enkele opmerkingen.
    Je schrijft: Omdat de echte siderische maand ruim tweederde dag korter is dan deze periode van 28 dagen (wat zo mooi een kwartet weken is), heeft een zuivere 13-manenkalender om de twee jaar slechts 12 maanden. Dat is niet juist: 3 kalenderjaren vallen exact samen met 40 siderische maanden. Elke 3 jaar komt er dus een maand bij. De week vervalt. Dat wist je al, maar blijkbaar stel je vraagtekens bij datgene wat ik zaterdag op tafel heb gelegd.

    Verder schijf je: Iedereen die het bovenstaande verhaal van 0 tot en met 9 echt heeft begrepen, die snapt dat “21 december 2012” precies 14 maanden min één week eerder plaats gaat vinden. Ook niet juist: realiseer je dat de consequentie van deze bewering is dat je er kennelijk net als Calleman vanuit gaat dat de Maya’s een kunstmatige Lange Telling hanteerden, waarbij met name hun Katun-vieringen geen gelijke tred zouden hebben gehouden met de werkelijke schepping. Verder durf ik met een gerust hart te beweren dat de bewijzen dat 20 mei, 1 juni, 14 juni en 21 december 2012 op de grote trom slaan als het gaat om de overgang naar het nieuwe tijdperk bijna eindeloos zijn.

    Je brengt ook de ontwikkeling van de 4 gelaagde intelligentieniveau’s in verband met het brengen van het bewustzijn naar een steeds hoger niveau. Dat is mijns inziens niet juist: het toenemende “bewustzijn” creëert juist een steeds grotere afgescheidenheid van onze oorsprong, doordat de ontwikkeling van de 4 gelaagde intelligentieniveau’s geen toenemend universeel bewustzijn, maar een afnemend universeel bewustzijn en een toenemend zelfbewustzijn teweegbrengen. Dit zelfbewustzijn creëert een steeds grotere afgescheidenheid: het ego-gedoe van vandaag de dag. De transformatie zit hem in de verbinding van het zelfbewustzijn met het gevoel, waardoor dit met het hart in verbinding kan worden gebracht.

    Verder stel je dat de onderste 3 chakra’s de werking van het ego blootleggen: nee; mijns inziens is het ego de afgescheidenheid die vooral het cognitieve deel van de mens (de bovenpool) met zich meebrengt en niet verbonden is met het gevoel (de onderpool); zie vorige opmerking.”

    De zienswijzen van Marc en mij verschillen op een aantal punten zeer sterk. Ik denk dat het juist goed is dat we deze verschillende gezichtspunten delen, omdat we alleen gezamenlijk het gehele plaatje te pakken kunnen krijgen. Daarom ben ik grote voorstander voor dialogen als deze en reageer ik niet langer op mensen die willen discussieren (want daar schieten we helemaal niets me op).

    Voor mij staat O voor potentie (waarin alles besloten ligt), en 1 voor manifestatie (waarin alles Een is). Voor mij zijn de 9 niveaus absoluut niet gelijk aan de de eerste 9 tonen van de schepping. Beide staan orthogonaal op elkaar. En het hele psychologische stuk (over het ego en ook over de werking van de chakra’s) is nu juist mijn espertisegebied (zoals de astrologie en astronomie dat van Marc zijn). Ik heb ruim 20 jaar studie gemaakt van de psychologische betekenis van het enneagram en pas dit al jaren toe met vrijwel alleen maar positieve resulaten toe als psycholoog. Wie daar meer van wil weten zal toch echt het boek ‘Liefde voor Wijsheid’ moeten gaan lezen.

    Tot slot blijft de siderische maancyclus ‘tricky’. Ook mijn onderstaande correctie is niet juist. Ik heb het op Pateo.nl nu zo verbeterd:
    Omdat de echte siderische maand ruim tweederde dag korter is dan deze periode van 28 dagen (wat zo mooi een kwartet weken is), gaan er in drie 13-manenjaren in totaal 40 siderische maanden (en is er dus eentje ‘verloren’ gegaan).

    1. Heren,

      ben meteen maar even de website http://www.33mm.eu.

      gaan doorlezen, zeer heldere bevindingen, duidelijk omschreven en spatzuiver. Waardevolle bijdrage mijn inziens.

      vraagje; hoe vertalen we de bekende 11 kweste en de 144 kweste die velen zien alledag maar dan in dit daglicht? dus niet direct de verbinding genoemd in de geschriften maar in kosmische harmonie van de getallen?

      mvdg

    2. joris??

      eh hoor is,joris; Ook Frank hoogerbeets van ditranum.org heeft veel onderzoek gedaan naar de getallenleer en het 11en fenomeen. ik ervaar zelf een toename van herkenning in de 11/144 serie maar dat doen vele, dus vraag blijft dan als je onderbewustzijn deze ‘signalen’ van herkenning afgeeft maar het bewuste mensje in ons weet niet wat hij/zij ermee kan? dan blijft het enkel een mooi fenomeen en blijft een eventuele boodschap onbeantwoord! snisnasnappie?

      mvdg Léon

  4. Al met al weer behoorlijk wat materiaal om op te kauwen, van beide schrijvers (Johan & Marc).
    Ik ben blij dat beide visies hier samen bij elkaar staan, want in beide verhalen zitten elementen die een bodem bij mij vinden.

    Inderdaad, de wijsheid ligt besloten in ALLE informatie die ELK lid van een groep naar voren kan brengen. Dus ook de correcties die Gait aandraagt, dragen bij aan het vinden van het totale plaatje. Vergissen is menselijk en van fouten maken leer je. En vervolgens verantwoordelijk nemen voor die gemaakte fouten maakt je tot een mooier en sterker mens.

    Afgerekend worden op fouten door ofwel de buitenwereld, ofwel jezelf, creeert angst voor het durven maken van fouten. En angst doodt alle creativiteit…

    Dit is een pleidooi voor het durven maken van fouten tijdens zoektochten, zodat de motor van het creatieve proces (trial & error) draaiende blijft, zodat er dynamiek en schepping plaatsvindt vanuit de broodnodige chaos. (Zelf)veroordelend (angstig) perfectionisme en het eisen van orde en foutloosheid brengt het scheppingsproces uiteindelijk tot stilstand en daar heeft niemand iets aan.

    Zelfs de Bilderbergers en NWO en consorten zijn op hun manier met een eigen scheppingsproces bezig, via trial & error. Het enige jammere is, is dat er geen totale transparantie is en dat zij niet luisteren naar de wijsheid van de totale groep (incl. de ‘sheeple’), waardoor datgene wat zij scheppen hoogstwaarschijnlijk niet door de gehele groep (= wereldbevolking) gewenst wordt.
    Hun streven naar perfecte controle en orde is dus feitelijk een streven naar een statisch geheel dat daardoor gedoemd is aan zichzelf ten onder te gaan, uiteindelijk.

    Perfectie kan alleen herkend/gezien worden door (tijdelijk) imperfectie toe te staan. En als het dan perfect is, dan zorgt de dynamiek van het leven er wel weer voor dat het perfecte weer imperfect blijkt.

    Groet,

    N.

  5. 9 is het hoogste getal in het systeem waar de 10 het ideaal vertegenwoordigt.

    zo geldt dit voor ieder getal binnen het systeem van het getal + 1 meer. Bijv. 27 binnen 28 en 364 binnen 365 en 365 binnen 366.

    Ik noem die vreemde voorbeelden omdat zij idd met tijd verbonden zijn, en dus met cycli en met synchroniciteit/tijd.

    zo is een maan van 28 dagen niet per sé 7+7+7+7 maar kan ook 9+9+9+1 zijn met “een dag buiten de maan” als “viering” en ook als scharnierpunt tussen 2 manen. Tja, ook als het vier/vuur van elke dag/ elke eenheid/ elke mens.

    g**chel “kweakspell” eens?

    Het getal 3 is de basis en spiegheAll binnen 9 … en zou – Qualitate Qua – ook het draaiprinciupe binnen de kloktijd van 24 uur KUNNEN zijn: immers 3×8=24 uur.

    Maar ja, je had destijds slechts KERK en STAAT en geen INTERNETVOLK … dus werd de tijd in 2’en verdeeld – … (en het kwam nooit meer goed?)

    alles komt goed 😉 toY

  6. “het verhaal van 0 tot 9 echt doorgrondt”
    dient zich te realiseren dat wij ons dan beperken tot de genormaliseerde uiting van 19 getallen, nl. -9 via 0 tot +9.

    wij bevinden ons tussen materie en de non-materie in en worden ge-electrificeerd in ons lichaam en wellicht astrale lichaam waar wij met zoveel meer dan 1 zijn als wij het toelaten … ; immers dat is best wel eng (volgens alle verhalen-vertellers)

    19 is overigens een getal dat centraal staat in het boek van de Koran, al heb ik mij dit wijs laten maken via voor mij betrouwbare bron – zie bijv. Tijd en Technosfeer – J. Arguelles (een hoofdstuk achterin)

    19 is het 2e 10-getal en daarna komt 28 als het 3e 10-getal

    er is inmiddels een 9-dagen week ontworpen waar de duiding gaat volgens:

    zegelnummer – maannummer – weeknummer – dagnummer

    vanaf 23 juli 2000 en 9 (3×3=9 en …) is dit gesteld op
    1.1.1.1 volgens een “design” met label kweekspell, later kweakspell (“ea” is de godin van de wind – de spirit)

    vandaag 1.11.3.5 “NESSdaya”

    dat laatste is de naam voor de 5e dag in de 9-daagse week = kweek => kweak

    Zo kunnen mensen vandaag de dag de nieuwe “kweek” zelf voorzien van een woord dat zij graag elke 9 dagen zien terugkomen als “geheugenprikkel”. Uiteraard is het handig om na een stevige exercitie waar iedereen wat geprobeerd heeft samen te komen tot een oplossing (net zo als het in de politiek gaat , maar dan beter als in de econemie 🙂

    toY, u genegen }}*|*{{ s’ace

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.