Giftig spul…!!


‘Landbouw […] is het beste dat wij kunnen nastreven,
omdat landbouw uiteindelijk het meest bijdraagt aan echte
welvaart, aan een goede moraal en aan geluk.’

x
Thomas Jefferson (1787)
(in een brief aan
George Washington)

x

De Amerikaanse Carey Gillam beschrijft in een splinternieuw boek, ‘Giftig Spul’, hoe Monsanto, fabrikant van de omstreden onkruidverdelger ‘Roundup’, erin slaagde, dit product wereldwijd in de markt te zetten. Een feitelijk relaas van omkoping, grove misleiding en corruptie. Gezien de hoeveelheid info die we hier op WantToKnow.nl hebben neergelegd over dezelfde Monsanto-manipulaties, waarover Carey Gillam over spreekt, menen we er goed aan te doen, het voorwoord en de inleiding van het boek, hier te plaatsen. Met dank aan de Nederlandse uitgever van het boek Lemniscaat. Wil je het boek bestellen, klik dan op de cover van het boek hiernaast. Je komt dan direct bij de WantToKnow-bookshop terecht, waar je verder wordt geholpen.

Journaliste en activiste Carey Gillam Werkte als senior verslaggever bij Reuters, internationaal persbureau. Als reporter op financiële berichtgeving en met een specialisatie op Monsanto..

Carey Gillam is sinds kort geen journalist meer bij het internationale persbureau Reuters. Ze was daar jarenlang dé expert rondom nieuws over bestrijdingsmiddelen. Ze hield zich bijna twintig jaar lang bezig, met bijvoorbeeld ‘Roundup’, de onkruidverdelger van Monsanto en veel andere zaken rondom deze megalomane multinational. Daarbij berichtte ze ook uitgebreid over de keerzijde van dit bestrijdingsmiddel. Want de werkzame stof in Roundup – glyfosaat – is ernstig omstreden en wordt verdacht kankerverwekkend te zijn bij mensen. Maar ‘RoundUp’ is de meest verkochte herbicide ter wereld en resten ervan worden inmiddels in voedsel en menselijke urine aangetroffen. De EU worstelt op dit moment, met een besluit over een ‘RoundUp’-glyphosaatverbod, rondom de verlenging van de toelatingsvergunning op de Europese markt..

Sommigen zien in ‘Roundup’ het DDT van de 21ste eeuw, een stof die de natuurlijke variëteitenrijkdom aantast, maar vooral een chemisch middel dat boeren en burgers/consumenten ziek maakt. Op dit moment zet Gillam haar glyphosaat-expertise in, bij haar werk als onderzoeksdirecteur van een kleine Amerikaanse organisatie, genaamd ‘US Right to Know’. Dit is een NGO (non-goevernementele organisatie) die informatie verzamelt over de risico’s van voedsel en de invloed die de landbouw- en chemische industrie heeft op internationaal overheidsbeleid. De overstap van journalist tot activist was voor haar een soort noodzaak; ze werd bij Reuters té zeer op de huid gezeten. Oorzaak? De invloed van.. Monsanto! Ze vertelt hierover:

“PR-mensen van Monsanto en van organisaties die door Monsanto zijn opgericht belden me thuis, zeer kritisch en beledigend, ze stuurden e-mails naar mijn hoofdredacteur. Het was gewoon bedreigend. Ik werd ook op internet aangevallen door ‘Academics Review’. Dit is een organisatie die volgens hun doelstelling zuivere, onafhankelijke wetenschap wil promoten. Ze schreven dat ik een slechte journalist was en dat ik de industrie in een kwaad daglicht stelde. Maar.. Later kwamen we erachter, dat deze ‘Academics Review’ was gefinancierd met Monsanto-geld..!

Een heel giftig en levensgevaarlijk goedje, deze ‘onkruidbestrijder’ van Monsanto (sinds kort niet meer in tuincentra en winkels in Nederland verkocht..!!) Maar wel gewoon te gebruiken door boeren..!! In Frankrijk is Monsanto al veroordeeld om de neurotoxische werking van dit spul..

Ze hebben er heel veel werk van gemaakt om mij van dit Reuters-dossier af te krijgen, iets wat ze later ook toegegeven hebben. Maar in de eerste vijftien jaar bij Reuters, had ik een hoofdredacteur strak achter mij stond. En bij hem was er maar één regel: kloppen de feiten. En Monsanto? Die zijn helemaal niet geïnteresseerd in feiten en vonden en vinden dat alleen hún standpunt het juiste is en altijd was. Daarbij namen en nemen ze me het kwalijk, dat ik altijd alle partijen aan het woord liet, ook critici. Dus ja, dan begrijp ik wel, dat Monsanto me daar weg wilde hebben. Want vooral, doordat mijn artikelen over Monsanto en RoundUp, via mijn werkgever, persbureau Reuters, natuurlijk bij alle kranten, radio- en tv-stations, wereldwijd terecht kwamen… Maar onafhankelijke media zagen en zien me als een gezaghebbend verslaggever op dit onderwerp. 

En ze probeerden me te paaien bij Monsanto. In het begin waren ze heel vriendelijk, ze nodigden me uit, wilden alles graag uitleggen. Het kostte me talloze ontmoetingen met wetenschappers en boeren om er achter te komen, dat hetgeen deze multinational me verteld, niet zelden in conflict is met wat er werkelijk aan de hand is.

Maar in 2014 kreeg ik een nieuwe hoofdredacteur en toen werd de druk té groot. En hoewel er steeds meer berichten de wereld in kwamen over de risico’s van glyfosaat, waarbij zelfs het kankeronderzoekscentrum van de WHO glyfosaat als een mogelijk kankerverwekkende stof voor mensen kwalificeerde, werd de druk van Monsanto op deze man té groot. Deze scrupuleuze industrie had er alle belang bij alles kapot te spelen, waarbij Monsanto probeerde steeds meer te controleren wat ik opschreef.

En deze hoofdredacteur werd steeds nerveuzer, wat zo ver ging, dat ik op een gegeven moment, alleen met toestemming van deze hoofdredacteur artikelen mocht maken over glyfosaat. Volstrekt strijdig met de manier waarop een internationaal nieuwsagentschap als Reuters te werk gaat…! Soms werden stukken aangepast en werd er pro-industrie informatie aan toegevoegd. Ik vond dat ik mijn werk niet meer goed kon doen.

Maar ik wilde het onderwerp niet laten lopen. Ik had er zoveel in geïnvesteerd al die jaren. De mensen van ‘US Right to Know’ vroegen al jaren of ik voor hen wilde gaan werken. Op een gegeven moment dacht ik toen: ‘Als ik daar precies hetzelfde kan doen, waarom dan niet?’ Ik zie mezelf niet als een activiste, maar ik probeer moeilijke verkrijgbare informatie boven tafel te krijgen die relevant en feitelijk is.
Hierdoor kunnen overheden en burgers beter gefundeerd oordelen, doordat zij vaak het werk nalaten te doen, wat ik wél doe. Want het blijkt nogal ingewikkeld om een ander geluid dan het Monsanto-geschreeuw te horen te krijgen, ook of vooral via overheden..! Pas dan kun je de mogelijke voordelen afwegen tegen de bewezen risico’s. Dát is wat een journalist behoort te doen en dat zie ik nog steeds als mijn taak.’’

De Nederlandse vertaling van Carey Gillams’ boek ‘Whitewash: The story of a Weed Killer’. De Nederlandse titel is: ‘Giftig spul. Over het pesticide Roundup, kanker, Monsanto en corruptie’. (Lemniscaat – 272 pagina’s, € 17,95 (klik voor lead))

Carey Gillam is opgeleid in voedselproductie en landbouw en maakte eind 2015 deze overstap van de journalistiek naar US Right to Know. Zij doen onderzoek naar de risico’s van voedsel en de invloed van de industrie op overheidsbeleid. Vergeljikbaar dus met de Nederlandse organisatie ‘Foodwatch’.
Carey Gillam komt uit Kansas, het enorme boeren-achterland van de VS. Ze realiseerde zich terdege dat boeren -ook in Europa- een groot probleem hebben. Gillam neemt het in dit nieuwe boek op voor deze boeren, die natuurlijk ook doodziek worden van bestrijdingsmiddelen, waar ze mee moéten werken, omdat ze, economische gezien, steeds grotere opbrengsten van hun land dienen te halen.

Ze vindt dat deze boeren die ons feitelijk voeden, eigenlijk een heel gevaarlijk beroep uitoefenen. Voor haar zijn het daarom helden, want zij zitten in de frontlinie. En dus zijn zij naar het idee van Gillam, ook de eersten die recht hebben op feitelijke, juiste informatie over de gevaren van de middelen waar ze mee moeten werken.. (Zonder glyfosaat werken veel GMO-zaden en -gewassen niet naar ‘behoren’..).

De VS is zwaar uit balans vind Gillam, omdat er graan en nog eens graan wordt geteeld, met subsidie. Deze gewassen worden volgespoten met pesticiden. Volgens Monsanto zou ‘Roundup’ net zo veilig zijn als tafelzout, en dat je het zelfs zou kunnen drinken.. Maar dat is in de ogen van Gillam, op z’n zachts gezegd niet eerlijk. Want landbouwers moeten leven met de risico’s van deze bestrijdingsmiddelen, omdat ze deze ‘nodig’ hebben. En juist dát dienen overheden mee te wegen.

Maar wat blijkt, overheden volgen blindelings de GMO-multinationals, die op basis van vervalst en gemanipuleerd wetenschappelijk onderzoek, en veel, heel veel lobbywerk, durven beweren dat hun giftige middelen veilig zijn. Dat is geen rationeel beleid, dat is gebaseerd op andere belangen, dan onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek. Carey Gillam over haar boek:

“In de ogen van Monsanto ben ik de auteur van een nep-boek en ben ik een nep-journalist. Mijn boek is niet gericht tegen Monsanto, waarbij ik stel dat glyfosaat is een effectieve onkruidverdelger is, jarenlang een geweldig hulpmiddel voor boeren. Maar is het gebruik nu nog verstandig, nu we wéten dat we decennialang zijn gemanipuleerd en misleid door Monsanto over de risico’s?

* * *

“Het bewijs is er dat Monsanto decennia-lang,
wetenschappelijke studies over heftige risico’s,
van glyfosaatgebruik,
heeft weggehouden van het publiek,
en publicaties hierover, heeft tegengewerkt.

In San Francisco start in 2018  een rechtszaak
van glyfosaat-slachtoffers.
Hierdoor zullen nóg veel meer documenten naar buiten komen.

Het zou mij verstandig lijken als Nederland en de EU
een lange-termijn-beslissing over glyfosaat
uitstellen tot na dat proces.”

* * *

Dit is de opdracht, die ze vóór in het nieuwe boek schreef:

‘Voor de boeren die me hun tijd schonken, hun wijsheid
met me deelden. En me lieten zien welke hindernissen zij
moeten overwinnen bij hun werk om ons allen te voeden.’

x
Carey Gillam – 2017

* * *

Hier plaatsen we nu,
met goedkeuring van de Nederlandse uitgever van het boek
‘Giftig Spul’,
de inleiding en het voorwoord van dit boek.

* * *

x

– VOORWOORD –

x

Het is bijna twintig jaar geleden dat ik voor het eerst het hoofdkantoor van multinational Monsanto binnenliep. Tijdens mijn loopbaan als binnenlandcorrespondent voor Reuters, een van de oudste en grootste persagentschappen ter wereld, zouden er nog talloze van zulke bezoeken volgen. Ontmoetingen met topmanagers, wetenschappers en marketingdeskundigen van Monsanto, wellicht ’s werelds bekendste fabrikant van producten voor de landbouw, maakten deel uit van een baan waarin ik geacht werd het internationale publiek op de hoogte te houden van de details en ontwikkelingen op landbouwgebied in de Verenigde Staten.

Gaat deze GMO-granaat in Monsanto’s eigen toko ontploffen..??

De typen zaden waarmee boeren hun akkers inzaaien en de chemicaliën  waarmee ze hun gewassen behandelen zijn big business, die Monsanto en de andere bedrijven die ze verkopen miljardenwinsten oplevert. Maar wat er allemaal komt kijken bij de teelt van voedselgewassen heeft veel ruimere implicaties. De keuzes die boeren maken zijn niet alleen van invloed op wat we in de winkel voor hun producten betalen en op economische verhoudingen, maar hebben uiteindelijk ook gevolgen voor ieders gezondheid en welzijn.  Het voedsel dat we eten, het water dat we drinken, hoe onze leefomgeving eruitziet: het is allemaal verbonden met de ogenschijnlijk simpele keuzes die boeren maken.

Voordat ik in 1998 naar de Amerikaanse landbouwstaat Kansas verhuisde om voor Reuters over landbouw te schrijven, had ik een groot deel van mijn journalistieke carrière besteed aan het uitspitten van het financiële reilen en zeilen van grote banken, vastgoedhandelaren en verzekeringsmaatschappijen. Verder ging een fors deel van mijn tijd op aan het achternazitten van chaos: ik deed verslag van de dood en verwoesting die orkaan Katrina had aangericht, van overstromingen, bosbranden en droogte, en van de talloze tornado’s die het Amerikaanse platteland teisteren. Ook werd ik erop uitgestuurd om tussen de kogels, stenen en flessen door verslag te doen van de rellen in Ferguson, Missouri, en elders.

Toen ik de opdracht kreeg om over landbouw te schrijven, was ik daar aanvankelijk niet erg enthousiast over. Ik was sceptisch of schrijven over landbouw even interessant en opwindend kon zijn als mijn vroegere werk. En ik had nog veel te leren. Door mijn opleiding in voedselproductie en landbouw kon ik niet alleen aan één tafel zitten met managers van bedrijven als Monsanto, en van zijn concurrenten Dow AgroSciences en DuPont, maar ook begrijpen wat landbouweconomen, bodemkundigen, plantkundigen, experts op het gebied van zaadplasma en – natuurlijk – boeren te zeggen hadden en kon ik hun werk bestuderen.

Hoe zie je aan sojabonen of deze vol zitten met pesticiden én genetisch gemanipuleerd zijn? Correct, dat zie je niet..! Goedgekeurd door de EU, wil zeggen, dat zij vinden dat deze GMO-bonen niét schadelijk zouden zijn voor koeien noch mensen.. En dus op één berg kunnen met bijv. biologische sojabonen..

Waar ik als landbouwjournalist het meeste van hield, was in spijkerbroek en bemodderde laarzen, tussen manshoge maïsstengels te banjeren met een boer, of meerijden in de cabine van een combine, met naast me hardwerkende, vaak grofgebekte mannen en vrouwen, die beter dan wie ook begrepen wat de risico’s en beloningen zijn van de hedendaagse voedselproductie. Ik voel altijd enorm respect en dankbaarheid voor deze boeren, van wie het hele leven opgaat aan zwoegen op onbarmhartige akkers, terwijl de rijkdom van de oogst vaak afhangt van de grillen van Moeder Natuur.

Ook zien ze het grootste deel van de winst verdwijnen in de zakken van mensen hogerop in de voedselketen. Ik voel groot ontzag voor de wetenschappers die hun loopbaan besteden aan hoe we met minder méér kunnen doen, hoe we voor een groeiende wereldbevolking voldoende voedsel kunnen verbouwen, op manieren die de vorige generatie zich nog niet kon voorstellen. Toen ik net was begonnen aan mijn werk als verslaggever op dit terrein, was ik een gretige leerling. Ik was bijna net zo onder de indruk van de vooruitstrevende technologieën die de moderne landbouw toepast als van de mensen die het land bewerken.

Brett Begemann

Ik was zo iemand die nooit veel had nagedacht over wat er allemaal voor nodig is om de producten die ik in de supermarkt koop daar te krijgen. Ik kocht geen biologische groenten en fruit, want die leken me te duur. Ook brak ik me het hoofd niet over allerlei onzichtbare chemische stoffen die zich in mijn lunch zouden kunnen ophouden. De discussie over de destijds opkomende techniek om voedselgewassen transgeen te modificeren ging geheel aan me voorbij.

Verder was ik een enthousiaste consument van de herbicide waarmee Monsanto zulke recordomzetten wist te halen: ‘Roundup’. Een middel dat ik royaal gebruikte om het onkruid in de achtertuin van mijn buitenwijkwoning onder controle te krijgen. ‘Met stomheid geslagen’ is de uitdrukking die het beste beschrijft, hoe ik reageerde toen ik Monsanto’s ‘maïsknipper’ in actie zag. Even gefascineerd was ik door mijn eerste bezoeken aan Monsanto’s proefvelden waarop biotechnologisch aangepaste gewassen werden getest. Ik werd een fan van het hoofd technologie van het bedrijf, Robb Fraley. Verder genoot ik erg van mijn talloze gesprekken met de beminnelijke Brett Begemann, die was opgegroeid op een gemengd boerenbedrijf in Missouri, maar later binnen Monsanto opklom om er uiteindelijk de ceo van te worden.

De twijfel over de gepresenteerde ‘waarheid’ rondom Monsanto..
Maar in de loop der jaren begon er in mijn onderzoek en verslaggeving twijfel door te dringen over de voordelen van genetisch gemodificeerde organismen en over de risico’s van de chemische stoffen waarmee ze werden bespoten. Vervolgens werd ik een mikpunt van Monsanto’s toorn. Vertegenwoordigers van het bedrijf en de branche probeerden me afwisselend te manipuleren, te paaien, te intimideren en te vleien om mijn artikelen meer in lijn te brengen met de standpunten van de bedrijfstak.

Volgens hen was het niet gerechtvaardigd om beide kanten van de discussie over Monsanto’s gewassen en chemicaliën weer te geven, omdat de wetenschap al had geoordeeld dat alles in orde was. Iedereen die dat betwijfelde zou Monsanto’s missie om ‘de wereld te voeden’ dwarsbomen. Toen ik weigerde de spreekbuis te zijn voor de verhaallijn die het bedrijf wilde uitdragen, probeerde Monsanto mijn reputatie en geloofwaardigheid in diskrediet te brengen, en mijn carrière te laten ontsporen.

Leidinggevenden en door Monsanto gesponsorde organisaties drongen er bij mijn hoofdredacteuren vergeefs op aan om mij terug te fluiten en verdere berichtgeving over de betreffende thema’s te blokkeren. Zelden of nooit wisten ze mij te betrappen op fouten in mijn artikelen. Het probleem was, zo klaagden zij, dat ik zo ‘vooringenomen’ was. Tijdens het lezen van mijn boek zult u merken dat ik uitsluitend vooringenomen ben wat betreft de waarheid.

Wat ik geleerd heb en nu zeker weet, is dat als machtige ondernemingen de verhaallijn controleren, de waarheid vaak verloren gaat. Het is de taak van journalisten om die waarheid weer terug te vinden en thuis te brengen. Dit is wat ik in mijn boek probeer te doen!

Tientallen jaren hebben bedrijven allerlei feiten weggemoffeld over gewassen en chemicaliën die mede door hun toedoen zo’n centrale rol spelen in de moderne landbouw. Ja, die gewassen en chemicaliën hebben het een en ander opgeleverd, maar er kleven ook risico’s aan – veel risico’s. En zonder transparantie kan niemand van ons goed onderbouwde beslissingen nemen over wat we eten en over welk landbouwbeleid we willen steunen.

Mijn bewondering voor de Amerikaanse boeren is nooit getaand. Maar mijn reis door het Amerikaanse systeem van voedselproductie heeft mij een uiterst reële angst bezorgd – met het oog op mijn kinderen, op uw kinderen – over wat de toekomst in petto heeft. Het is een onloochenbaar feit dat we ons voedsel, ons water, onze bodem en ons eigen lichaam op een gevaarlijke manier laten vollopen met chemicaliën. Een van de meest doordringende van de pesticiden die we gebruiken is het onderwerp van dit boek.

Wetenschappers noemen het middel glyfosaat en consumenten kennen het als ‘Roundup’. Het is een onkruidverdelger, maar het verdelgt veel meer dan onkruid alleen. De toezichthouders, die tot taak hebben om het publiek voor gevaren te behoeden, handelen –doelbewust of niet – op manieren die de producten en winsten van bedrijven beschermen en de bevolking in de kou laten staan. Het is geen feelgood-verhaal dat ik te vertellen heb, maar wel een dat gehoord moet worden.

* * *

x

x

– INLEIDING –
x

Een stille sluipmoordenaar

 

‘Als we zo vertrouwelijk met deze chemische stoffen omgaan
– we eten ze, we drinken ze en nemen ze in ons op,
tot in het merg van onze botten –,
doen we er goed aan,
om iets te weten over hun aard en hun werking’

Rachel Carson,
uit haar boek ‘Dode lente’

Sinds het midden van de jaren negentig van de vorige eeuw woedt er in de Verenigde Staten en Europa een heftige politieke discussie over het al dan niet toestaan van genetisch gemodificeerde voedselgewassen. Twijfels over de veiligheid van zulke gewassen – voor mensen, dieren en onze leefomgeving– houden deze continenten in hun greep en hebben markten verstoord. Bevolkingsgroepen en landen zijn verdeeld over hoe we tegen dit soort gesleutel aan de natuur moeten aankijken. Het debat heeft consumenten bewuster en strijdbaarder gemaakt tegenover de geïndustrialiseerde landbouwmethoden waarmee ons voedsel wordt geproduceerd. Talloze boeken hebben een heel scala aan bedenkingen uiteengezet over genetisch gemodificeerde gewassen.

Maar de controverse over genetisch gemodificeerde organismen (genetically modified organisms, gmo’s) wordt overschaduwd door wat volgens mij het werkelijk rampzalige gevolg is van de hedendaagse biotechnologische landbouw: hoe onze leefomgeving doortrokken is van het chemische bestrijdingsmiddel dat scheikundigen kennen onder de naam ‘glyfosaat’ en de rest van de mensheid als Roundup.

Kennelijk heeft het lobby-werk van Monsanto letterlijk en figuurlijk haar vruchten afgeworpen..!

x

Genetisch gemodificeerde gewassen zijn vanaf het allereerste begin ontworpen met één allesoverheersend doel voor ogen: ze moesten bestand zijn tegen dit glyfosaat, het uiterst effectieve onkruidverdelgende ingrediënt in het assortiment herbiciden dat Monsanto onder de merknaam Roundup op de markt brengt. Het zaaigoed voor zulke glyfosaatbestendige gewassen verkoopt Monsanto onder de merknaam Roundup Ready.

Boeren die dit zaaigoed gebruiken in combinatie met het bestrijdingsmiddel Roundup kunnen hun akkers vrijwaren van onkruid zonder bezorgd te hoeven zijn, dat ook hun gewassen bezwijken aan deze wijze van onkruidverdelging. Sindsdien hebben de meeste genetisch gemodificeerde gewassen die men wereldwijd verbouwt de eigenschap dat ze glyfosaatbestendig zijn. Dit moedigt boeren aan om deze onkruidverdelger te verkiezen boven enig ander middel. Het was natuurlijk een duivels-geniale zet van Monsanto. De gecombineerde verkoop van zaaigoed en herbicide levert het bedrijf miljarden dollars winst op. Maar wij en komende generaties zullen daarvoor de rekening betalen, op manieren die momenteel onmogelijk helemaal te voorzien zijn..!

Dichloordifenyltrichloorethaan, beter bekend onder de afkorting ‘DDT’, is vanwege de risico’s die het heeft voor leefomgeving en volksgezondheid tegenwoordig verboden, maar ooit werd deze insecticide overal ter wereld op grote schaal toegepast. Destijds zei men dat DDT een ‘zegen voor de hele mensheid’ was. Ook glyfosaat werd aangeprezen als een ‘ontdekking die maar eenmaal in de honderd jaar plaatsvindt en die net zo belangrijk is om de mondiale voedselproductie veilig te stellen als penicilline is om ziekten te bestrijden’.

Net zoals de waarheid over de gevaren van ddt uiteindelijk boven water kwam, heeft men ten slotte ook ontdekt hoeveel verwoesting het jarenlange, nagenoeg ongecontroleerde gebruik van Roundup en andere op glyfosaat gebaseerde onkruidverdelgers heeft aangericht. Het is opnieuw een voorbeeld van de enorme invloed die bedrijven hebben, een invloed die de bescherming van de bevolking vaak overtroeft. Uit het verhaal van hoe deze ooit obscure chemische stof een algemeen bekende naam werd, blijkt dat de lessen uit Rachel Carsons boek ‘Dode lente’ vergeten lijken te zijn. We zijn immers getuige van een immense verwoesting onder mensen, dieren en onze leefomgeving, die is aangericht omdat we ons afhankelijk hebben gemaakt van glyfosaat en andere synthetische pesticiden.

Zoals altijd, begint alles met macht, geld en politiek.
In dit geval hebben zij hun krachten gebundeld om het gebruik van glyfosaat tot ongekende hoogten op te stuwen en deze giftige pesticide tot een vast ingrediënt te maken van wat mensen over de hele wereld eten. Velen krijgen dodelijk ziekten die met glyfosaat in verband staan, terwijl wetenschappers die over de risico’s aan de bel trekken, worden geïntimideerd en aan de schandpaal genageld. In mijn boek doe ik verslag van hun ervaringen, maar beschrijf ik ook hoe toezichthouders proberen te laveren tussen enerzijds bescherming van de volksgezondheid en anderzijds op goede voet blijven met economische belangengroepen.

Uit bedrijfsinterne documentatie en communicatie, die advocaten hebben kunnen inzien met een beroep op de Amerikaanse wet openbaarheid van bestuur (Freedom of Information Act, foia), blijkt hoe het bedrijfsleven en een consortium van wetenschappers – in dienst van overheid of ondernemingen – toezichthouders en politici hebben gemanipuleerd om toe te staan dat deze chemische stof steeds grootschaliger werd gebruikt, ook toen de aanwijzingen dat er gevaren aan verbonden waren zich begonnen op te stapelen.

Naarmate de crisis in omvang toeneemt, beginnen consumenten te beseffen dat zij toezichthouders en politici verantwoordelijk moeten stellen voor de hoeveelheden glyfosaat en andere pesticiden in ons voedsel. Onder meer uit bezorgdheid over glyfosaatresiduen kwam het tot acties om leveranciers te verplichten op het etiket van producten te vermelden of ze genetisch gemodificeerd waren. In 2016 leidde deze bezorgdheid ertoe dat consumenten- en milieugroeperingen uit de EU en de Verenigde Staten bij toezichthouders gingen bepleiten verder gebruik van glyfosaat te blokkeren.

De urine van de leden van het Europees Parlement
De leden van het Europees parlement namen de bezorgdheid zo ernstig, dat ze begin 2016 hun urine op glyfosaat lieten testen – met alarmerende resultaten. Een aantal Amerikaanse moeders en onderzoekers begon moedermelk en een aantal voedingsmiddelen te testen. Ook begon de ongerustheid over glyfosaat de internationale handel te beïnvloeden.In de lente van 2016 verboden Taiwanese voedselinspecteurs de invoer van Amerikaanse haverproducten, omdat die sporen van glyfosaat bevatten. Glyfosaat is zo’n hot topic, dat het bedrijfsleven in maart 2016 een eigen Twitteraccount voor de pesticide heeft aangemaakt..! In de afgelopen twintig jaar is het gebruik van glyfosaat astronomisch gestegen.

Toen Monsanto’s patent op glyfosaat in het jaar 2000 op het punt stond te verstrijken, heeft het bedrijf glyfosaatbestendige sojabonen, koolzaad, suikerbieten en andere gewassen op de markt gebracht. Daarmee koppelde het bedrijf zijn nieuwe gewassentechnologie aan het al bestaande glyfosaat. Ook genetisch gemodificeerde alfalfa, dat boeren als veevoer gebruiken, kan tegenwoordig besproeid worden met glyfosaat…

Verder moedigde Monsanto boeren aan om glyfosaat te gebruiken – niet direct op hun gewassen, maar als een traditionele onkruidverdelger – bij de verbouw van honderden andere voedingsmiddelen die niet genetisch gemodificeerd zijn, waaronder tarwe, haver, groenten, fruit en noten. Volgens wetenschappelijk onderzoek gebruikten alleen al de Amerikaanse boeren in 2014 ongeveer 125 miljoen kilo glyfosaat, vergeleken met 18 miljoen kilo in 1995.

Een voorbeeld van de giga-onkruidgroei op Amerikaanse akkers

Superonkruid, het verzet van de natuur..
In de afgelopen tien jaar is het mondiale verbruik ervan meer dan verdubbeld. Momenteel is glyfosaat in 130 landen goedgekeurd voor gebruik en wordt het middel van Monsanto door tientallen bedrijven nagemaakt. Het wordt b beschouwd  als de intensiefst gebruikte chemische stof uit de geschiedenis van de landbouw. De populariteit van glyfosaat is een zegen voor de chemische bedrijven die het toevoegen aan hun onkruidverdelgende producten.

Maar in de afgelopen jaren blijkt uit steeds meer onderzoek dat er een massa onvoorziene problemen aan kleven, voor mensen en voor hun leefomgeving. Er zijn bijvoorbeeld sterke aanwijzingen dat glyfosaat bij mensen kanker kan veroorzaken. Residuen van deze mogelijk kankerverwekkende stof worden regelmatig aangetroffen in een hele reeks van populaire voedingsmiddelen, waaronder cornflakes en allerlei snacks..!

Superonkruid, een cartoon met een bittere nasmaak.. Amerikaanse boeren zijn al ettelijke jaren vertrouwd met de áchterkant van het GMO-verhaal. RoundUp, de zogenaamde superonkruidbestrijder van Monsanto, zorgt voor resistent onkruid en daarmee voor woekerend-verstikkende planten.

Ook is gebleken dat intensief gebruik van glyfosaat schadelijke effecten heeft op de bodembiologie, wat op zijn beurt de gezondheid en de voedingswaarde van gewassen aantast. Verder heeft het gebruik van de stof ertoe geleid dat er zich bepaalde ‘superonkruiden’ hebben ontwikkeld – de bijnaam die wetenschappers en boeren eraan hebben gegeven.Dit zijn planten en kruiden die verscheidene meters omhoog kunnen schieten, die belangrijke voedselgewassen verstikken en die grotendeels ongevoelig zijn voor pogingen om ze uit te roeien.

Deze superonkruiden kosten Amerikaanse boeren momenteel miljarden dollars per jaar aan extra arbeid, chemicaliën en verloren gegane productiegewassen. Nog steeds stapelen de bewijzen daarvoor zich op, maar nu reeds is duidelijk dat glyfosaat, waarvan men tientallen jaren heeft gedacht dat het een goedaardige onkruidverdelger was – volgens sommige marketingmensen ‘veilig genoeg om te drinken’ – de volksgezondheid en die van onze leefomgeving bedreigt, en wel in een veel hogere mate dan de gmo-gewassen die men ermee besproeit. Van alle pesticiden die er op de markt zijn is glyfosaat niet de inherent gevaarlijkste, maar door de enorme schaal waarop het overal wordt gebruikt, van boerenakkers tot golfcourses, dringt het door tot in alle aspecten van ons leven, veel dieper dan andere landbouwchemicaliën.

Inderdaad heeft recent universitair en overheidsonderzoek aangetoond dat glyfosaat alomtegenwoordig is in ons water, onze lucht en in ons voedsel. Hoeveel precies van deze pesticide we consumeren is lastig vast te stellen. In de Verenigde Staten is deze onzekerheid grotendeels te wijten aan toezichthouders, die keer op keer verklaren dat het niet nodig is om voedsel op glyfosaat te testen, omdat de agrochemische industrie al zou hebben aangetoond dat het middel veilig is.

Feit is dat glyfosaat al jarenlang schittert door afwezigheid op de overzichten van grootschalig toegepaste bestrijdingsmiddelen waarvan de Amerikaanse overheid test of voedingsmiddelen er resten van bevatten. Zowel de Amerikaanse voedingsmiddelenautoriteit (Food and Drug Administration, FDA) als het Amerikaanse ministerie van Landbouw (United States Department of Agriculture, usda) testen jaarlijks duizenden voedselproducten op sporen van honderden verschillende typen pesticiden, maar beide instanties weigeren consequent om die producten te testen op glyfosaat.

De daden van Monsanto en haar collega’s passen naadloos in dit verhaal. Monsanto’s doel is niets minder dan het controlleren van de volledige voedselketen.

Terwijl het USDA en de FDA de afgelopen twintig jaar hardnekkig hebben nagelaten om voedsel te testen op glyfosaatresiduen, is het opmerkelijk dat het Amerikaanse ministerie van Milieu (Environmental Protection Agency, epa), dat het gebruik van bestrijdingsmiddelen reguleert, wel steeds heeft voldaan aan verzoeken vanuit het bedrijfsleven om hogere concentraties van glyfosaat in voedsel toe te staan.

In 2013bijvoorbeeld heeft het epa, op verzoek van Monsanto, de wettelijk toegestane hoeveelheid glyfosaatresiduen in voedsel die de instantie nog veilig achtte verhoogd tot een veel hoger niveau dan in andere landen. Wereldwijd maakt men zich zorgen over de veiligheid van dit alom gebruikte bestrijdingsmiddel. Terwijl het toenemend gebruik van glyfosaat gelijke tred houdt met de groeiende stapel bewijzen dat het middel gevaarlijk is, proberen overal ter wereld wetenschappers en academici al jaren de noodklok te luiden.

Wetenschappers waarschuwen dat epidemiologisch en dieronderzoek uit de afgelopen tien jaar ernstige twijfel oproept over de veiligheid van glyfosaat. Ook zijn er sterke aanwijzingen dat de stof endocriene disruptie in gang kan zetten, verstoringen in het hormoonsysteem, die in verband worden gebracht met bepaalde vormen van kanker, aangeboren afwijkingen en ontwikkelingsproblemen bij kinderen.

Dit boek voert zijn lezers mee tot diep in de onderzoeksgegevens. Het onthult niet alleen hoe ondernemingen toezichthouders stevig in hun greep houden, maar ook hoe ze een vorm van ‘wetenschap’ promoten die hun op winst gerichte belangen het meest in de kaart speelt, terwijl ze aanwijzingen voor schadelijke effecten onder de tafel houden.

Documenten die door overheidsinstanties en universitaire onderzoeksprogramma’s zijn vrijgegeven leveren talloze voorbeelden van hoe de agrochemische industrie ‘onafhankelijke’ hoogleraren en andere wetenschappers heimelijk betaalt om te lobbyen vóór de veiligheid van glyfosaat; hoe de branche in alle stilte mantelorganisaties en denktanks heeft opgezet om haar belangen te ondersteunen; en hoe ze heeft geprobeerd wetenschappers die aan de bel trokken aan te vallen en verdacht te maken.

Haar machtsbereik strekt zich uit tot in het USDA en het EPA, binnen welke instanties ze de wetenschappelijke bevindingen van overheidsonderzoek naar landbouwmethoden probeert te onderdrukken. Dit specifieke bestrijdingsmiddel – glyfosaat – is slechts één van de ontelbare chemische stoffen die zich hecht in ons leven hebben verankerd. De ondernemingen die deze stoffen verkopen worden er rijk van, maar de mensen die ermee in contact komen staan bloot aan allerlei gevaren.

Er is omvangrijk en nog steeds groeiend bewijsmateriaal dat er een verband is tussen enerzijds blootstelling aan pesticiden, en anderzijds verschillende vormen van kanker, diabetes, neuro-degeneratieve aandoeningen als Parkinson en Alzheimer, aangeboren afwijkingen en aandoeningen aan de geslachtsorganen. Het verhaal van ’s werelds meest gebruikte onkruidverdelger illustreert hoe destructief de gevolgen kunnen zijn wanneer we het evenwicht tussen risico en beloning te ver laten doorslaan in de richting van het gevaar.

* * *

* * *

x

Advertentie

11 thoughts on “Giftig spul…!!

  1. https://www.2doc.nl/documentaires/series/2doc/2017/december/beerput-nederland.html Deze uitzending zou elke Nederlander moeten bekijken en vervolgens hun conclusies eraan verbinden.
    Onze regering gaat gewoon met milieucriminelen rond tafel zitten om wetgeving aan te passen.
    Zoals in deze docu wordt gezegd waarom moeten de overheden overleg hebben met belanghebbende milieucriminelen? Zijn er te weinig onafhankelijke wetenschappers? Waarom en door wie worden politie en milieucontroleurs tegen gewerkt?Wederom komt men ook hier de naam van Neelie Kroes weer tegen maar ook van Pronk die een regelrechte bedreiging uit tegen over een onderzoekster en ook komt de naam van van Opstelten weer in beeld (u weet wel die man die Demmink in bescherming nam) maar zogenaamd aftrad ivm de bonnetjes affaire.Wanneer moeten dergelijke lieden nu eindelijk eens verantwoording afleggen in plaats van dat zij mooie banen toebedeeld krijgen.

    1. Arnold2 :
      Het gaat hier niet om regeringsleden, maar louter om handlangers van het International Crime Syndicate, die de belangen van hun land en volk verraden en verkopen. Het overgrote deel van deze handlangers is omgekocht of wordt gechanteerd. De gevaarlijkste zijn echter die het spontaan en gratis doen, uit volle overtuiging. Het gaat hier niet alleen om Nederland, maar om alle landen van de EUSSR (ik beperkt mij hier tot Europa). De objectiviteit dwingt mij echter ook vast te stellen, dat deze handlangers verkozen worden door een meerderheid van de bevolking, waardoor ze zich gesterkt voelen in hun verraderswerk. Zoals ik reeds meermaals gezegd heb, is het overgrote deel van de bevolking totaal niet geïnteresseerd in de waarheid over al de problemen en gevaren waarmee we momenteel worden geconfronteerd. Maak U dan ook geen illusies over deze bevolking. Mijn ervaring is ten andere, dat de ” gewild onwetenden” zich eerder zullen keren tegen de boodschapper met de vervelende waarheid, dan tegen de bedrieger, die leugens verteld, die ze dan toch zo graag horen. Hoe hopeloos de toestand ook moge zijn, loont het m.i. wel de moeite om blijven door te gaan met het verspreiden van de vervelende waarheden. Zwijgen is immers toestemmen.

    2. Dank hiervoor Arnold.
      Gelukkig beschikt de MSM over goede journalisten/onderzoekers om dit soort zaken boven water te krijgen

    3. Geen dank Pim.
      Udo Ulfkotte loog er eerst ook flink op los maar heeft dat recht gezet door dat te bekennen om vervolgens wel de waarheid te proberen achterhalen en daar verslag van te doen.
      Dus ja er zijn bij de MSM wel goede journalisten/onderzoekers alleen is het zo jammer dat velen zich laten beinvloeden door hun bazen en/of politiek want dat geeft zekerheid betreffende hun inkomen.
      Dat journalisten wel weten hoe de vork in de steel zit bewijst het boek van Janneke Monshouwer (ander nieuws) maar datzelfde boek geeft ook de manipulatie weer wat door onder andere de NOS tot norm is verheven.

    4. https://newsjunkynl.wordpress.com/2017/12/06/onafhankelijk-onderzoeksinstituut-onder-druk-gezet-door-politiek/ Soms moet men wel eens iets doen wat men liever niet doet.
      Wanneer politici in beeld komen ivm duistere praktijken terwijl ze mogelijk eerder zeggenschap hadden of bepaalden wat voor nieuws er gebracht werd dan lijkt zelfs de NOS te kiezen voor een eigen koers.Mogen we ons dan ook afvragen welke invloed/manipulatie gebruikt is in bijvoorbeeld de MH 17 zaak? of kan de premier bv druk op Buma van het CDA uitgeoefend hebben om Pieter Omtzigt van die zaak af te halen?
      Wanneer een mogelijke dader (Oekraine) in het onderzoeksteam zit zegt dat toch eigenlijk meer dan genoeg.

  2. http://www.knack.be/nieuws/belgie/zelfregulerende-afspraken-tussen-politici-bankiers-en-vastgoedbonzen-ja-en-pinguins-kunnen-vliegen/article-opinion-727489.html wanneer u dit artikel leest kan er maar één conclusie aan verbonden worden en dat is dat de politiek stikt van zelf verrijkende corrupte politici die voor geld hun eigen familie verraden want de nadelige gevolgen van hun beleid zal ook HUN NAGESLACHT RAKEN.De bevolking wordt niet vertegenwoordigd maar zijn alleen maar goed om te betalen en het vieze werk te doen.
    Ik lees in het artikel namen van Neelie Kroes en Wim Kok maar de lijst is langer.
    Angela Merkel heeft gewerkt bij Bayer/BASF en Helmut Kohl noemde haar toen zijn meisje toen ook hij daar werkte.Nicolas Sarcozy had/heeft banden met Big Farma,Macron heeft banden met de Rothschild bank waar hij twee jaar heeft gewerkt en mogelijk zijn opleiding heeft gehad,Mark Rutte heeft voor Unilever gewerkt,Eric Wiebes voor Shell enz enz.
    Het land wordt niet geregeerd maar wordt/is over genomen door multinationals,banken en de allerrijksten en dat geldt voor veel EU landen.Daarom is het eigenlijk onbegonnen werk om vergif of andere slechte producten verboden te krijgen omdat zij die beslissen voordeel hebben van die bedrijven/instellingen en die zullen hun broodheren niet snel tegen zich in het harnas jagen.

    1. Arnold2 :
      In feite ziet U hier wat ik noem het :International Crime Syndicate. Een samensmelting van politiek – zaken- en bankwereld – (semi)occulte organisaties en vooral van de internationaal georganiseerde misdaad. Het belang van dit laatste wordt schromelijk onderschat. Alle domeinen van de maatschappij zijn aangetast door deze intern. georganiseerde misdaad. Er zijn bovendien geen grenzen en afstanden meer, en via de moderne communicatiemiddelen, is de ganse wereld een dorp geworden. In real time weet iedereen wat er elders in de wereld gebeurt. De kopstukken van deze internationale mafia’s zijn nu heren in dure maatpakken, in het bezit van de laatste ICT middelen, en omringd door een batterij duur betaalde experten. Daartegen is niemand opgewassen. Zelfs niet in Rusland (met de Vor Zakone) , China (met de Triaden) , Japan (met de Yakuza), Italië (met mafia’s allerhande) en de USA (waar de Italiaanse mafia werd verdreven en vervangen werd door de Russisch Joodse mafia, met behulp van het FBI). Op een legale manier zijn al deze mafia’s geïnfiltreerd in de economische en financiële wereld, weliswaar met behulp van corrupte politici. Zie ook wat er in de voetbalwereld gebeurt. En wie zit daar dan allemaal in de ere – loges??? Ik denk dan ook, dat in de voormelde context, er weinig hoop op beterschap is.

    2. quote:[”De EU worstelt op dit moment, met een besluit over een ‘RoundUp’-glyphosaatverbod, rondom de verlenging van de toelatingsvergunning op de Europese markt.”]

      Ha ha…, de EU worstelt!
      De EU, de meest ondemocratische, of fascistische leest geschoeide loopjongensclub die er bestaat behartigt alleen de belangen van de corporaties en de zakkenvullers welke deel uitmaken van diezelfde EU!
      Het rechtse vuil, (alle rechtse fracties inclusief de gristenhonden) doen ook hier in dit moddergat vrolijk mee!

    3. In Nederland is mogelijk het ministerie van economische zaken door het CTGB misleidt.
      https://sustainablefoodsupply.org/advies-ctgb-misleidt-ministerie-van-economische-zaken-in-glyfosaat-kwestie/
      In Duitsland is een rel ontstaan omdat de heer Schmidt gestemd heeft voor verlenging glyfosaat gebruik.https://duitslandinstituut.nl/artikel/23814/spd-eist-politieke-compensatie-van-merkel-na-gyfosaat-rel (merkel zou hem op de vingers getikt hebben maar ondertussen blijft de verlenging gewoon in stand).
      https://en.wikipedia.org/wiki/Christian_Schmidt_(politician)

Geef een reactie