Advertentie

E-book Lyme Kaj Alexander

Advertentie

Een goed verhaal over ascensie..


Een goed verhaal over ascensie.. Geschreven door Daniel van der Engh, musicus en schrijver over muziek. Daniel blogt met anderen op een filosofische site, genaamd filodivers.blogspot. Hieronder zijn verhaal: in onze ogen een goed verhaal over ascensie…

x

* * *

x

Een goed verhaal over ascensie..

2012 © Daniël van der Engh

x

x

We lezen er de laatste tijd veel over op het internet: ascensie. Vaak gaat het gepaard met een hoop ufo-geweld en gechannelde teksten. Veelal ook een combinatie van die twee. Het leidt er allemaal toe dat de boodschap door velen niet wordt begrepen. Zo zijn er lieden die uit alle verhalen op het internet afleiden dat ‘de Redding’ van buiten komt. Bijvoorbeeld van lichtschepen, nog niet ontdekte planeten (planet X, of Nibiru), buitenaardse wezens of andere wezens. En zoals gewoonlijk meent iedereen ook nu weer dat tijdens zijn of haar leven de wereld ten onder zal gaan en dat maar weinigen uitverkoren zijn om die ondergang te doorstaan. Wij geloven daar allemaal niet zo in. We hebben andere ideeën over ‘ascensie’. Wat is het eigenlijk, ascensie?

Ascensie
Het schijnt ‘verlichting’ te betekenen, of ‘bewustzijnsverruiming’. En als we het Nederlands woordenboek erop nalezen, betekent het ‘opklimmen’. Het is, zeg maar, datgene dat je met een trap doet: bestijgen. En wat men op de diverse ‘ascentistische’ websites kennelijk beoogt te stellen, is dat het erom gaat om in het bewustzijn op te klimmen. Oftewel: het bewustzijn te verruimen.

De mens lijkt het echter ook hier niet te kunnen laten om duaal te denken. En dus zien we ook op dit gebied dat de mens geneigd is om in termen van ‘hoog’ en ‘laag’, of ‘wij’ en ‘zij’, te denken. En ook hier zien we dat sommigen er een ‘wedstrijdje’ van lijken te willen maken. Alsof het er om gaat om zo snel mogelijk te ascenderen.

En natuurlijk geldt ook hier weer: ‘Wij’ behoren tot het goede kamp (‘wij zullen ascenderen’), en ‘zij’ (‘hullie’) mogen niet mee. Wat dat betreft is het gros van de ‘ascentisten’ niet veel beter dan al die religieuzen die op het moment met verrekijkers in de woestijn bij Har Megiddo liggen te wachten op het ‘leger van Jezus Christus’, of die president in Iran die in opdracht van de ‘Twaalfde Iman’ een neutronenbom aan het ontwikkelen is…  Want gek, fout of volslagen achterhaald, dat is altijd ‘de Ander’…

Er bestaan dus veel verhalen over het fenomeen ‘ascensie’. Maar wat is het precies? Het zou ‘verlichting’ betekenen, of ‘bewustzijnsverruiming’. Maar hoe werkt het? Op welke inzichten is het gebaseerd?

Wij hebben daar zo onze gedachten over, en die willen we graag met u delen. Dat doen we in korte lijnen, aan de hand van de volgende korte stellingen (in willekeurige volgorde) die het verdienen om eens zeer goed te overwegen als waren het koans (‘Zen-raadsels’):

1. alles is een illusie

2. alles is één,

3. tijd en ruimte bestaan niet,

4. ik ben jou.

Daar gaan we…

1. Alles is een illusie
Het besef dat alles een illusie is, gaat hand in hand met verwondering. En in wezen is dat een vrij eenvoudig besef. Want als je er even bij stil staat, is alles om ons heen, in ons, en wat over dat alles wordt verteld en gezegd, natuurlijk volslagen ‘krankzinnig’. Zoiets verzin je niet. En het is aan (hypothetische) wezens die niet op een bol leven, die niet massaal zijn, die niet individu zijn, die geen zintuigen hebben en die geen ‘besef van besef’ hebben, eenvoudigweg niet uit te leggen. Je moet het hebben meegemaakt om er überhaupt een voorstelling van te kunnen maken, ons leven hier op aarde. En men fluistert dat wanneer je dood gaat, je niet eens meer kunt geloven wat je hier allemaal hebt meegemaakt. Het is, kort gezegd, een krankzinnige droom. En toch doen heel veel mensen alsof dit alles de normaalste zaak van de wereld is.

Waar begint het, de verwondering? Wel, bij een poging jezelf te leren kennen. En dan met name aan de hand van wat ‘Kantiaanse’ filosofie. Stel jezelf eens de vraag wat het is dat de dingen bij jou tot aanschijn brengt. Een zeer eenvoudige vraag: Wie of wat heeft de schijnbare objecten om je heen van een naam of woord voorzien? Wie of wat verleent aan die objecten hun betekenis?

Denk je eens in: Alles dat je weet over de werkelijkheid, is niet de werkelijkheid zelf. Je kennis over de werkelijkheid bestaat louter uit aan die werkelijkheid verleende betekenissen. En die zijn niet de werkelijkheid zelf. Die verleende betekenissen zijn vooronderstellingen die je, afhankelijk van de omstandigheden waarin je hebt verkeerd en nog verkeert, hebt aangeleerd. En dat gaat verder dan je op het eerste gezicht denkt.

Dat begint er bijvoorbeeld al mee dat je afzonderlijke objecten in de werkelijkheid hebt leren onderscheiden van elkaar en van jezelf. Tijdens dat ‘onderscheidingsproces’ heb je de dingen in de buitenwereld ‘dat’ of ‘die’ genoemd. Die objecten kwamen aldus los van jou te staan. Het onderscheidingsproces was in die zin een ‘afscheidingsproces’. En nadat de objecten op die manier werden ‘verzelfstandigd’, kleefden aan deze al vrij snel allerhande andere betekenissen aan. Met als gevolg dat op een gegeven moment al die miljarden mensen op aarde aan alle dingen in de werkelijkheid onnoemelijk veel betekenissen hebben gehecht. De wereld is in die zin een kakofonie aan betekenissen. Zoals we hiervoor al schreven: ‘Deze aarde is één grote massahysterie’… oftewel: ‘maya’…

Wanneer een mens zichzelf wilt leren kennen, zal hij eerst al die (onbewust) door hem aan de werkelijkheid gegeven betekenissen onder ogen moeten zien. Zelfs de meest basale betekenissen! (Een van die heel basale betekenissen zullen we hierna noemen, namelijk de betekenis, of vooronderstelling, dat dingen en mensen van elkaar gescheiden zijn). En dat levert twee zaken op:

Alles dat je weet over de werkelijkheid, is niet de werkelijkheid zelf. Je kennis over de werkelijkheid bestaat louter uit aan die werkelijkheid verleende betekenissen. En die zijn niet de werkelijkheid zelf. Die verleende betekenissen zijn vooronderstellingen die je, afhankelijk van de omstandigheden waarin je hebt verkeerd en nog verkeert, hebt aangeleerd. En dat gaat verder dan je op het eerste gezicht denkt.

In de eerste plaats verwondering. Wanneer je eenmaal inziet dat de werkelijkheid wordt gezien door het prisma van je persoonlijkheid, en dat die werkelijkheid dus tot jou schijnt in de vorm van de betekenissen die jij daar aan hebt verleend, zal je een gigantisch gevoel van verwondering overvallen. “Ik hier?” En die verwondering zal op een gegeven moment overgaan in een besef van vrijheid. Want als de werkelijkheid tot jou verschijnt in de vorm van de betekenissen die jij eraan gegeven hebt, dan heb jij het in de hand om die te wijzigen. En dat maakt je vrij.

In de tweede plaats levert het de vraag op wat er van de werkelijkheid overblijft wanneer je die ontdoet van alle betekenissen. De betekenissen zijn niet de werkelijkheid zelf. Maar wat blijft er van over wanneer je die er van af haalt? Kant noemde dat ‘das Ding an sich’, en hij meende dat dat niet kon worden gekend. Of dat laatste waar is, kunnen wij niet zeggen. Het gaat ons erom om te benadrukken dat het geven van betekenissen aan de werkelijkheid – en dat doet iedereen – een keuzemoment inhoudt. Je ‘verleent’ de werkelijkheid betekenissen. Je ‘voorziet’ haar ervan. Wel, als je dan toch zo ‘vrijgevig’ bent, waarom besef je dan je vrijheid niet in dat geven?

Zoals gezegd zijn de betekenissen niet de dingen zelf. De dingen ‘dragen’ die betekenissen ook niet zoals iemand een jas of broek draagt. De betekenissen zitten in de waarnemer die de betekenissen heeft gegeven. En dat is wat de ‘grote illusie’ – ‘maya’ – is. En dat is ook waarom men wel eens zegt dat de werkelijkheid een spiegel is. Want wat jij ziet als de werkelijkheid, zijn louter de betekenissen die jij eraan hebt gegeven. Oftewel: ‘wat je ziet ben je zelf…’

Nogmaals, dit raakt de kern van alles: Je hebt (onbewust) veel meer betekenissen gegeven dan je beseft. En de meeste ervan heb je niet in vrijheid of weloverwogen gegeven. Niet dat je bent gedwongen tot het geven van bepaalde betekenissen, het is veeleer ‘luiheid’ dat je je bij het geven van bepaalde betekenissen hebt geconformeerd. En dat betreft zoals gezegd de meest basale betekenissen. Zoals de betekenis, of vooronderstelling, dat mensen en dingen door tijd en ruimte zijn gescheiden.

2. Alles is één
Wij hebben grote bewondering voor de hersencapaciteiten van lieden die de kwantummechanica hebben ontwikkeld. En dan hebben we het met name over Max Planck en Albert Einstein. Wanneer je leest waar deze mensen zich zoal mee bezig hebben gehouden, past niets anders dan een diepe buiging. Toch zie je ook hier weer dat ook de meest knappe koppen in een illusie leven. En ze zullen overigens de eersten zijn die dat erkennen. Zo heeft Einstein regelmatig gezegd dat we in een wondere wereld leven. En zo zei Richard Feynman ooit:

“I think that I can safely say that nobody understands quantummechanics.”

En dat is natuurlijk een prachtig inzicht dat in wezen goed aansluit bij ons eerste punt: de theorie (de ‘mechanics’ of de ‘betekenis’) is niet het ding zelf. Het is hoogstens een efficiënte beschrijving ervan. En het zal bovendien altijd de vraag blijven of de theorie het ding in al zijn facetten beschrijft (Wie of wat bepaalt het aantal facetten van een ding of verschijnsel?)

Hoe dan ook, een hardnekkig misverstand dat door velen – die niet over het voorstellingsvermogen van Einstein of Feynman beschikken – uit de fysica wordt afgeleid, is dat de werkelijkheid gekorreld (gekwantificeerd) zou zijn. Alsof de dingen – de elementaire dingen, of elementaire (ondeelbare) deeltjes – tot elkaar begrensd zouden zijn. Alsof er überhaupt zoiets zou bestaan als een ‘ondeelbaar deeltje’.

De ondeelbaarheid van een deeltje is in de eerste plaats niet goed voor te stellen. Alles wat lengte, breedte, hoogte en ‘tijd van leven’ (of bestendigheid) heeft, kan – met de juiste technieken (het gaat in de fysica bij ontstentenis van dergelijke technieken vaak om gedachtenexperimenten) – worden gedeeld. Alles wat je je maar kunt voorstellen, kan worden gedeeld. En dat gaat tot in het oneindige door.

Dat de fysica het bestaan van elementaire (ondeelbare) deeltjes aanneemt, zegt louter iets over de stand van de hedendaagse wetenschap. Vroeger dacht men dat het atoom ondeelbaar was (vandaar het woord ‘atoom’). Daarna ontdekte men nadere facetten van het atoom en waande men die ondeelbaar. En inmiddels zijn we alweer een aantal ‘ondeelbare delingen’ verder. Steeds weer blijkt dat elementair geachte deeltjes toch gedeeld kunnen worden. En daar lijkt voorlopig ook geen einde aan te komen.

In de tweede plaats vergt de aanname van ondeelbare deeltjes dat deze deeltjes tot elkaar begrensd zijn. En dát op zijn beurt, vereist het bestaan van ‘niets’. Want door wat anders dan door ‘niets’ zouden de ondeelbare deeltjes van elkaar moeten zijn gescheiden? Wat begrenst deze deeltjes anders dan het ‘niets’?

Misschien zijn er wel zeer veel soorten ondeelbare deeltjes, zal men opmerken. Zo gaat de huidige fysica ervan uit dat fotonen ondeelbaar zijn, quarks, elektronen, etc.. Je zou dan kunnen stellen dat een elektron bijvoorbeeld van een quark is gescheiden door een foton. Maar daarmee verlegt men enkel de vraag. Want door wat worden foton en elektron dan gescheiden? Dat moet welhaast het niets zijn. Maar het niets is onbestaanbaar! Want hoe kan het niets worden overbrugd? In het niets zijn geen afstanden. Door het niets kunnen geen afstanden worden overbrugd. Er gelden geen maten of dimensies. Door het niets kan niet gecommuniceerd worden. Niets is onmeetbaar. Door het niets kan geen relatie bestaan. Als een foton en een elektron door niets zouden zijn gescheiden, dan zouden zij in aparte werkelijkheden bestaan. En op geen enkele wijze zouden zij kunnen interacteren.

Het niets kan niet bestaan (de fysica twijfelt overigens inmiddels ook aan het ‘bestaan van niets’. Zie Wikipedia onder de term ‘niets’). Het is slechts een abstractie (‘betekenis’) in de hoofden van de mensen. En in die hoofden staat het niets over het algemeen enkel voor het niet aanwezig zijn van bepaalde eigenschappen. Zoals een net leeggedronken glas ‘leeg’ wordt genoemd terwijl het inmiddels is volgelopen met lucht. De ene eigenschap wisselt de andere af, maar er is nooit géén eigenschap…

De onmogelijkheid van niets – er is geen enkele manier waarop dat zou kunnen bestaan – betekent hoe dan ook dat de dingen niet tot elkaar begrensd zijn. En dát op zijn beurt betekent dat alles één is. De dingen schijnen slechts tot elkaar begrensd doordat wij op die (duale) wijze naar de werkelijkheid kijken. Het is enkel met ons illusoire verstand dat wij een werkelijkheid waarnemen die bestaat uit afzonderlijke dingen. Kennelijk gebeurt dat in het proces van betekenis verlenen. Maar wanneer je de hierboven genoemde verwondering toelaat, en je overweegt de onmogelijkheid van het bestaan van niets, dan moet je wel tot de conclusie komen dat alles één is en dat afgescheidenheid een illusie is, oftewel een vooronderstelling of betekenis die je ooit (onbewust) aan de werkelijkheid hebt gegeven.

3. Tijd en ruimte bestaan niet
Wanneer de dingen – vanwege het feit dat ‘niets’ niet kan bestaan – niet tot elkaar begrensd zijn, is alles één. In die zin is ruimte een illusie. Dingen zijn niet louter ‘hier’ of louter ‘daar’. Een ding kan enkel ‘niet hier maar wel daar’ (of ‘niet daar maar wel hier’) zijn als het zelfstandigheid heeft. En dat vereist afgescheidenheid. En dát op zijn beurt vereist het bestaan van ‘niets’. En ‘niets’ kan niet bestaan. Ruimte is een illusie.

‘Thermodynamic horizon’ © Adam Scott Miller. Is tijd een veld waarin je naar believen kunt reizen en niet de ‘lineaire’ ervaring die we van jongsaf kregen voorgeschoteld..?

En ook tijd bestaat niet. Nog daargelaten dat de tijd alszodanig in de natuur (in de werkelijkheid) niet kan worden waargenomen, is het ook een lastig concept. Het ene moment is immers niet afgescheiden van, of begrensd (door het niets?) tot enig ander moment. Dat is hetzelfde als met het elektron en het foton: die kunnen enkel zelfstandigheid hebben wanneer we het bestaan van het niets aannemen. En dat is een onmogelijk concept, niets.

Datzelfde geldt voor de tijd: Het ene moment staat niet los van het andere moment want dan zouden de momenten door het niets tot elkaar begrensd moeten zijn. En dat kan niet want dan zou het ene moment niet kunnen interacteren met het volgende moment. En dát zou afbreuk doen aan iedere mogelijkheid tot consequentheid.

Alles, zowel in ruimte als in tijd, is één en onbegrensd. De afgescheidenheid en de tijd is enkel een constructie van het brein. Een constructie die is ontstaan toen we de dingen gingen ontwaren en er betekenissen aan zijn gaan geven. De dingen staan niet los van elkaar. Vroeger is niet elders dan later. Nu en de toekomst zijn niet gescheiden…

4. Ik ben jou
Het schijnt dat men elkaar in Midden-Amerika begroet met de woorden ‘In Lak’ech’. En dat schijnt ‘ik ben jou’ te betekenen. Hoewel wij ook de vertaling (of uitbreiding) ‘ik ben jou in een andere tijd’ kennen.

Ach, ze zeggen wel meer gekke dingen in Midden-Amerika. Daar gaat het niet om. Maar we vinden dit toevallig een gezegde dat getuigt van een inzicht dat ook het onze is (waarmee we dus niet willen zeggen dat het een juist inzicht is…). Maar het idee mag na het voorgaande duidelijk zijn: Alles is één, er is geen afgescheidenheid, en dus is er geen begrenzing tussen jou en mij. Die afgescheidenheid is enkel een illusie. Ontstaan toen we de dingen (en de medemens) ontwaarden en van betekenissen hebben voorzien.

Dit idee lijkt voor de meeste mensen erg moeilijk voorstelbaar. Iedereen heeft namelijk het idee dat ie zo ontzettend zichzelf is. En toch houden wij staande: er is geen afgescheidenheid. Dat is de grootste (en kwalijkste?) illusie die de mens heeft. De illusie dat ie de ander niet is. Het is dan ook deze hardnekkige illusie die de mens tot egoïst maakt. En het is deze illusie die maakt dat zelfs de allergrootste wijsgeer – of allerbraafste ascensie-aanhanger – zichzelf relateert aan ‘de Ander’. Want het is altijd ‘Ik’ of ‘Hij’ die verlicht is. Jezus Christus is een ‘Ander’. Die heeft ‘Ooit’ geleefd (of niet). God bestaat wel of niet maar is in ieder geval ‘Elders’. De mens kan de verlichting bereiken, maar daar moet ie wel ‘Hard’ voor ‘Werken’. Daar is ie ‘Nu’ nog niet ‘Aan Toe’. Dat soort ongein…

Wat we zeggen: Een hardnekkig misverstand. Wil een mens goed beseffen dat hij en de ‘Ander’ één zijn, dan zal zijn gehele illusoire persoonlijkheidsbouwwerk – het bouwwerk dat steeds betekenissen heeft verleend, en dat dus zelf ook uit betekenissen bestaat – tot op de steen moeten worden afgebroken. Hij zal dan als het ware moeten worden ‘geherinstalleerd’. De harde schijf moet leeg, het karakter en de ervaring uitgewist. Tot op het bot. De oude inwijdingen van vroeger waren hier op gericht, zegt men. En in het sjamanisme gebruikt men bijvoorbeeld drugs (peyote etc.) om de hersenen wat ‘losser’ te maken om het te ontdoen van ‘vast geroeste’ betekenissen. Lees er de boeken van Carlos Castaneda maar op na!

Maar waarom hebben mensen de illusie dat ze afgescheiden zijn? Wel, de oorzaak zijn juist die illusies (ook de van ouder op kind doorgegeven illusies). Al vanaf de geboorte wordt iedereen constant ingeprent dat ie een zelfstandig wezen is in een wereld met afzonderlijke objecten. Als je dat vervolgens een paar jaar lang voor waar aanneemt, en er ook naar gaat handelen, wordt het een spreekwoordelijk ‘hels’ karwei om de ‘gebroken vaas’ weer in elkaar te zetten. Ook hier geldt weer die ‘Kantiaanse’ kwestie: Wat is de werkelijkheid? Het is in ieder geval niet de betekenis die wij er aan geven. En afgescheidenheid, individualiteit en begrensdheid zijn concepten, betekenissen.

Het denken
Alles wat je ziet, weet of kent als de dingen of de werkelijkheid, zie je in de vorm van de betekenissen die je eraan hebt gegeven. En dat geldt ook voor het ‘ding’, of het ‘verschijnsel’ (om met Teilhard de Chardin te spreken) mens. Wat is de mens? Is ook het begrip – of fenomeen – mens niet louter een verbeelding van het brein? Een illusie? Wel, in ieder geval voor wat betreft zijn individualiteit. Dat zagen we al. Maar wat is het nog meer niet, waarvan wij altijd dachten dat de mens het wel was? Het denken? Het bewustzijn?

Stel je eens voor dat de afgescheiden, afzonderlijke, mens een illusie is. Dat het louter illusie is om te menen dat jij een afzonderlijk mens bent. Wat zou er resteren na het afleggen van die illusie? Welke werkelijkheid verschijnt er dan? Tot wie verschijnt die werkelijkheid dan?

Het heeft sommige geesten doen beseffen dat er in wezen niets anders is dan het denken. Niet als activiteit van een brein, of van een groep mensen. Nee, er is louter denken. Dat is de wezens-substantie van het universum. Het denken. En binnen dat denken leven de illusies. Sterker, er zijn louter illusies, want dat is het denken: het genereren van illusies. En binnen die illusies is alles mogelijk. Werkelijk alles. Zo leeft op dit moment (dit ‘illusoire’ moment!) de illusie dat de mens een individu is, dat die op een planeet leeft en dat hij is omgeven door universum. Maar dat is slechts een van de onnoemelijk vele illusies die mogelijk zijn. Binnen de illusies bestaan ook ‘gebieden’ waar de ‘werkelijkheid’ totaal anders is.

Hoe dan ook, de ‘drager’ van alles, van het universum, is het denken. En dat denken gebeurt niet in het menselijk brein, maar is een objectief ‘veld’ waarin de illusies bestaan. Waaronder de illusie van individualiteit. Onderzoeken we het menselijk brein, dan zal mogelijk blijken dat het de feitelijke veroorzaker is van de individualiteitsillusie. Het brein zou dan kunnen worden gezien als een zintuig dat de wereld van het denken waarneemt, gelijk de ogen de wereld van het licht waarnemen. Het denken is daarbuiten, en het brein vangt het op als een radio-tuner.

We vermelden het maar als een mogelijke benadering van de werkelijkheid. Want dat is sowieso het enige houvast dat we hebben: Mogelijke benaderingen van de werkelijkheid…

Slot
We moeten afsluiten. Met het bovenstaande hebben we vooral willen aanzetten om het eenheidsdenken serieus (serieuzer?) in overweging te nemen. En het vooral als een werkelijkheid te zien. Het is niet enkel een abstractie die wordt gebezigd door mensen die een bepaalde maatschappelijke agenda hebben (‘vrede’, of ‘bewustzijnsverruiming’). Het is ook geen inzicht waar keihard aan gewerkt moet worden, of een besef dat ergens in de toekomst ligt verscholen. De eenheid is hier en nu. En dát beseffen, begint met verwondering. En is niet alles wat geen verwonderde blik is, een naïeve blik?

Dan nog een laatste – en belangrijkste – ding: Als alles en iedereen één is, dan kan verlichting (of ascensie) nooit een ego-trip zijn…

* * *

Advertentie

7 thoughts on “Een goed verhaal over ascensie..

  1. Wat een fantastisch verhaal. Dit is de betekenis die “ik ” er aan geef. Het is precies zoals ik het in mijn hoofd had maar niet goed kon uitleggen aan “anderen” of misschien is de materie dermate afwijkend dat het nog niet helemaal te bevatten is voor “sommigen”. Dit is in ieder geval de ascentie zoals ik het zie (denk) en hoe ik probeer te zijn en te leven. Dat dit moeilijk is? Nou en of! Die harde schijf is niet zomaar even leeg gemaakt. Maar als wij de kracht en mogelijkheden van onze gedachten zouden bevatten en begrijpen en er op een bewuste manier gebruik van zouden maken, hoe mooi zou alles er dan uitzien??
    “Je ziet wat je bent” is een hele mooie termometer om te kunnen analyseren hoe je denkt. Ik pas het vaak toe. Bedankt voor dit prachtige verhaal!

    1. @Patricia, Door jou mooie woorden wil ik dit gedicht van Liane Franzani met je delen:

      De schepper in onszelf
      Als we eindelijk eens willen geloven
      Dat we scheppers zijn
      Dat wij met ons denken en ons
      handelen een wereld hebben gecreëerd
      van lijden en pijn.

      Als we eindelijk eens geloven
      Dat wij scheppers zijn
      Dan zou dat het begin
      van Heling en Vrede kunnen zijn.

      Want zoals we nu weten
      is alles gebaseerd op energie
      Gedachten zijn vibraties die resoneren
      en materialiseren.

      Als wij de Schepper in onszelf
      aanvaarden
      Dan kunnen we met onze gedachten,
      een wereld creëren waarin Liefde,
      Schoonheid en Vreugde
      Ons uitgangspunt zal zijn!

      Dit vond ik wel bij jouw woorden passen. Hartegroet Alice

  2. “Het heeft sommige geesten doen beseffen dat er in wezen niets anders is dan het denken. Niet als activiteit van een brein, of van een groep mensen. Nee, er is louter denken.”
    Of is het: er is louter beelden. Beelden, zowel als zelfstandig naamwoord alswel als werkwoord opgevat. Eventueel: ver-beelden.
    Dus dan ook niet: ik [ver]beeld, ik maak me beelden; maar veeleer: er wordt verbeeld, er worden beelden gemaakt. Want, suggereert “denken” [in onze beleving, ver-beelding] niet een activiteit? Hetgeen weer energie en beweging veronderstelt?

    Nisargadatta (hij is “een andere ik” van mij/van elk van ons) schreef een boek met titel: “Ik ben” en legt uit dat alles wat je daarachter in kan vullen, niet klopt. Vervolgens schreef hij een boek met de titel: “Zijn”, als een weer wat nauwere benadering van “de werkelijkheid”.
    Niet “ik ben” of “wij zijn”, maar slechts: “Zijn”. Dat lijkt veel op de uitspraak in dit artikel: is er slechts sprake van “denken”?
    Als je dat “Zijn” als een voortvloeisel uit dit “denken” (of “beelden”?) kunt zien, dan ligt dit in elkanders verlengde, blijkbaar.

    Denken; in de bijbel staat dan ook: in den beginne was het woord. Maar “in de beginne” suggereert weer een ervaring van tijd. Is het mogelijk dat ons(! denken als persoon) onnatuurlijke denken (dus: aanname) van tijd, als het ware een lijn is, die wij zélf hebben uitgestreken (= tijd); terwijl de punt als het ware de eeuwigheid verbeeldt? In een/de punt bestaat immers geen afstand, geen afgescheidenheid, noch in ruimte, noch in tijd. Alles vindt terzelfdertijd én zonder dimensie plaats (of: wordt terzelfdertijd én zonder dimensie gedacht/verbeeld).

    Toch vermoed ik (ik?) dat deze “omweg” een soort van doel dient; of is het “slechts” een soort van virtuele reis (om te beleven, om van te genieten, of met geen enkel doel, met geen enkele betekenis?).
    En wat heeft dit alles te maken met grove/fijne trillingen/frequenties? Wat, als de trillingen zó fijn worden, dat zij zo goed (of helemaal) oneindig zijn? (Ver-beelding: duizendmiljard tot de duizendste macht trillingen per seconde.) Ascentie? (Of is dit ook zoiets als een punt, welke wij als het ware uitgesmeerd hebben in de tijd, met ons persoonlijke/collectieve denken?)

    De boeken van Castaneda/don Juan hadden destijds een grote aantrekkingskracht op mij[op mijn … behoefte, verlangen, ….?). Waar kwam die grote aantrekkingskracht vandaan/door tot stand? Persoonlijke gedachten? Uit “het denken”? Uit “het Beelden”?
    Overigens wordt in de antroposofie gesproken van “vormkrachten”. Krachten? Of ook vormen, die zijn “ge-/verbeeld” of “gedacht”.

    Dank voor dit interessante artikel, Daniël! (Of dank ik nu “mijn andere ik”, of het “Zelf”, of …. “het DENKEN”?

  3. Bij het nog eens opnieuw lezen van de gedachte(5 november 2012 om 14:47):
    “een punt, welke wij als het ware uitgesmeerd hebben in de tijd, met ons persoonlijke/collectieve denken?)
    “In een/de punt bestaat immers geen afstand, geen afgescheidenheid, noch in ruimte, noch in tijd. Alles vindt terzelfdertijd én zonder dimensie plaats.”,
    komt een volgende gedachte op:
    Zou dít kunnen zijn, hetgeen wij de oerknal noemen? Dat, toen het woord (het denken) “begon”, wij daarmee de punt (waarin tijd noch afstand “bestaan”, gedacht werden) uiteen lieten knallen tot een lijn (of vlak, of bol)???
    Is daarmee [het idee, de gedachte van] de tijd, de ruimte en de afgescheidenheid “begonnen”?

  4. Dankjewel daniël voor je uitéénzetting. Het begon wat dualistisch, met het betekenis geven aan de zoektocht van anderen, maar gaandeweg kwam de éénheidsbeleving duidelijk in beeld. Het opgeven van het oordeel en onbevooroordeeld in het leven-nu staan, los van emotionele betekenissen…een neutraal volwassen invoelen, ha-ha- betekenissen kunnen de frequentie van liefde niet bevatten/verwoorden…in stilte het allesomvattende ervaren/laten ontvouwen/ de openbaring van een gegeven…wie we werkelijk zijn, opgaan in het alles aanvaarden wat is, vanuit een middelpuntsbeleving, onthecht…woordeloos opgaan, strijdloos…een andere dimentie.

    Soms lijken dementerende mensen tijdloos, los van het besef van ruimte en betekenissen, terug naar het nu, maar niet los van de angsten die het denken gecreëerd heeft. De verwondering van waar de geest toe in staat is en waar de bezieling ons raakt. Aangeraakt worden door een herinnering, een naar binnen gaan en thuis komen en het leven omarmen door te zijn, in verbinding met een hoger zelf of een verbinding met de bron die leven geeft aan alles vanuit onbaatzuchtigheid en onvoorwaardelijkheid…zomaar, omdat liefde is en oneindig is in haar kracht, liefde in beweging die uitdijt, om nog rijker aan ervaringen “thuis”te komen, verrijkt met ervaringen door de dualiteit opgedaan, wat verdieping geeft, verdieping door inzicht, wijsheid en een liefde/ frequentie die voedt, het voedende om te dienen, om te geven van zichzelf, aan zichzelf, om op te lossen wat afgescheiden leek, zo wonderbaarlijk mooi, die samensmelting van de ontmoeting in alles wat elkaar aanraakt en thuis komt, nog mooier dan voorheen door wat we elkaar geven, quadratisch, uitdijeend ineen universum, uit liefde, doorleven…

    de rijkdom die we vergaren op deze prachtige planeet…met elkaar en voor elkaar…en dit is pas het begin van de oneindige reis op een weg met een hart…van het denken en haar betekenissen naar het voelen en ervaren wat we al wisten maar waren vergeten, een kleine dwaling op aarde, van korte duur…maar zo heftig, met geen pen te beschrijven in alle voors- en tegens…de gulden middenweg…ligt in ons zelf besloten, de herinnering, de belofte het IS, het AL, wat IS Zijn wij….lichtwezens in een tijdreis op aarde…
    Goede reis!

  5. Bewustzijn past niet in een ruimte, daar is het ‘TE GROOT’ voor, al is het begrip vaak te dun voor spoeling omdat men het ergens afwimpelt door er geen Meester er in te willen zijn. Continue opnieuw informatief alles voor gekauwd tot zich te nemen dat het zo is. Ascensie is het over zien van het grotere geheel dat er meer van waarde is dan enkel het level wat het predikt. Ascensie beslaat uit verschillende levels en niveaus van realiteiten en bevattings vermogen, het steeds weer willen verlegen van het aspect aan ervaringen en opgedane zaken die er ten tonele verschijnen. Net als Karma wat neit altijd maar even in gevuld mag worden als negatief of positief kan een geweldige ervaring zijn die men kan loslaten wanneer het men zich er van bewust is. Er alle voeten mee uit kan zonder bewust vast te lopen op onevenheidjes. Karma > Dharma is een al zeer oude Ascensie die door vele gereraties worden ingekleurd en door velen al in al die re-incarnaties eindeloos herhaalt wordt tot het kosmische kwartje valt. Dus een aanloop naar een ascensie lijkt over geweldig maar ga er eens vanuit dat je er allang in zit vol met overgave en dat je het dadelijk bewust los kunt laten, dan zijn er ook geen illusies meer die bestaan uit illusies en verdeeld zijn. Je bent slechts een onderdeeltje van het veel grotere geheel. Prachtig toch?!

    1. Schitterend Paul, het is met recht een hele belevenis om momenteel op aarde te mogen vertoeven en de verschuivingen in sneltreinvaart mee te mogen maken/ te doorleven, het liefst bewust!, of vanuit een hoger bewustzijn! Gelukkig dat het “kwartje”dat eens valt, nog bestaat en de “gulden”middenweg in de volksmond ook nog niet weg is…en wie voor een “dubbeltje”geboren is kan allles worden wat ie maar zijn wilt, het liefste zijn werkelijke Zelf, ja, zonder betekenissen, zoals Daniël het ook mooi uiteenzet…leuk om alle reacties zo te lezen…Dank voor het delen!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.