John Maynard Keynes’ omgekeerde economische wereld…


Net zoals iedere economiestudent kreeg ook ik de beginselen van de Keynesiaanse economie met de paplepel ingegoten bij de lessen macro-economie en financiële economie. Het was alsof we luisterden naar het sprookje van de tovenaarsleerling.. Wat Keynes beweerde was immers toveren gelijk.. Als de overheid maar voorop loopt in het opblazen van de economische ballon, dan komt het bedrijfsleven als vanzelf, daar achteraan.

De ultieme vraag bij de US-dollar is inmiddels wat hij waard is en wat je er dus uiteindelijk nog mee kunt doen..

De bedrijven zouden dan weer businessvertrouwen krijgen, en de arbeiders in de bedrijven/fabrieken zouden weer betaald krijgen. Deze mensen, die later werden omgedoopt tot consumenten, zouden dan weer gaan BESTEDEN.. En voila, de economie draaide weer. Dát is zo’n beetje de kortst mogelijke omschrijving van de belangrijkste theorie van John Keynes.

Of dit verhaal van de tovernaarsleerling wel klopte, en hoe deze overheden dit dan moesten financieren, dát was bijzaak. In die lessen macro-economie en financiële economie. Later bleek dat de overheid in het geval van ‘vooroplopend’ consumptiegedrag het geld wat daarvoor nodig was gewoon leende.. Of eigenlijk ‘drukte’.. Gewoon met een drukpers.

Het geld was er niet natuurlijk -want waarom zat een economie anders in het dal?-, maar de overheid deed alsof.. En hoe doe je dat? Nou bijvoorbeeld door inderdaad geld te drukken, wat ongedekt kon, zonder goudvoorraad die het geld vertegenwoordigde. Immers de gouden standaard was afgeschaft, mede door toedoen van Keynes..! En een nieuwe uitdrukking was geboren: ‘monetaire financiering’.. Of gewoon op z’n Hollands: papiergeld drukken.

Het was ook in die tijd dat de Amerikaanse dollar ontdaan werd van zijn onderliggende waarde. Wij leerden dan in de economielessen dat de ‘gouden standaard’ werd ‘losgelaten’.. In praktijk kwam het er gewoon op neer, dat de FED, het stelsel van Amerikaanse PRIVÉ-banken, de goudvoorraad had ontvreemd van de Amerikaanse burgers. Deze burgers hadden via een blunder van hun president, hun munt verkwanseld aan deze privé-banken. En de burgers hadden een heftige schuld aan die banken, die in ruil voor deze schuld, de goudvoorraad confisqueerden.

En vanaf die tijd werden er ook dollarbiljetten gedrukt die geen contractjes meer waren.. Want altijd hadden de dollarbiljetten immers de belofte laten zien: ‘Worth 1 dollar in gold’.. Maar dat werd toen van de biljetten verwijderd.. Het monetaire luchtfietsen was begonnen.. Met Keynes als het grote genie, die het allemaal bedacht had. Een doofpot? Wij dachten van wél..

x

* * * * * * *

De omgekeerde wereld van John Maynard Keynes

Mark Thornton, april 2009

x

Mark Thornton is economische wetenschapper en verbonden aan het Ludwig von Mises Instituut in Alabama (VS). Hij is de auteur van: ‘The economics of prohibition’ en mede-auteur van ‘Tariffs, blockades, and inflation: The economics of the Civil War’.

John Maynard Keynes gebruikte vaak bloemrijke taal zoals ‘dierlijke instincten’ en ‘liquiditeitsval’ om dingen te beschrijven die hij niet begreep. Hij was eigenlijk meer een bureaucraat dan een econoom. Feitelijk zou hij het beste kunnen worden omschreven als een anti-econoom, omdat hij dingen schuwde zoals vraag en aanbod en was van mening dat de overheid de economie kon besturen.

John Maynard Keynes, de tovernaar die heel wat leerlingen zou voortbrengen.

Dus kon hij bijvoorbeeld niet begrijpen dat mensen goederen investeerden in risicovolle aventuren die de economie hielpen groeien en daarmee een volledige werkgelegenheid verschaften. Hij verving het winstmotief door ‘dierlijke instincten’. Deze instincten gaven ondernemers de gelegenheid om door te blijven gaan met een naief vertrouwen en zorgen over verliezen links lieten liggen. In het verlengde daarvan, was het nalaten van investeringen een psychologisch probleem die hij de ‘liquiditeitsval’ noemde.

Deze val komt voor wanneer investeerders liquiditeit zoeken in contant geld en wanneer het monetair beleid, zoals het laten dalen van de rente, niet langer een verhoging oplevert in investeringen.

Het probleem met Keynes is dat hij dacht dat als ondernemers hun gemeenschappelijk lef verloren de regering deze investeringen zou moeten socialiseren, het aanzwengelen van de vraag en werkgelegenheid, alsmede de verzekering geven om de economie naar een volledige werkgelegenheid te sturen. Hij snapte niet hoe de economie werkt en kon niet begrijpen hoe de economie zichzelf corrigeert als eenmaal de inkrimping zich voordoet.

Het inmiddels bijna beruchte boek van Keynes, standaard leesvoer voor economiestudenten; het probleem is dat Bush, Obama, Geithner en Summers allemaal dit Keynesiaanse tekstboekje volgen, met de Nobelprijswinnaar Paul Krugman als hoofdsupporter.

Het probleem voor ons is dat Bush, Obama, Geithner en Summers allemaal het Keynesiaanse tekstboekje volgen, met de Nobelprijswinnaar Paul Krugman die als hoofdsupporter fungeert. Als we juist daarvoor in de plaats het vrije-marktproces haar werk lieten doen dan zou de economie nu al zijn uitgebodemd, bedrijven als AIG zouden dan uit faillissement naar boven komen en de werkloosheid zou dan dalen in plaats van steeds maar stijgen.

Het marktproces werd afgekapt na een paar maanden nadat de inkrimping begon en over de afgelopen 15 maanden werd het bijna geheel vervangen met overheidsinterventie. Veel van deze interventies worden terecht omschreven als ‘ongekend’ in zoverre, dat ze nooit zijn uitgeprobeerd. Dit betekent dat noch de marktdeelnemers, noch de beleidsmakers enige ervaringen hebben met deze interventies en dat zien we.

Deze hoeveelheid van interventies waren zeer chaotisch. Veel interventies zoals de overname van AIG waren totale verrassingen en veroorzaakten volatiliteit in de aandelenmarkten. Bovendien waren deze interventies extreem groot en breed uitgevoerd. Volgens een raming gemeten in dollars was het geld dat werd ‘toebedeeld’ meer dan $12.000 miljard.

Ironisch genoeg dankzij het aannemen van het Keynesiaanse standpunt hebben we onze ‘dierlijke instincten’ verloren en lijden we aan een psychologisch probleem van angst en voert de overheid een extreem beleid dat het winstmotief stevig zal ondermijnen. Ondernemers kijken niet langer meer naar nieuwe winstmogelijkheden in de economie. In plaats daarvan zijn ze waarschijnlijk bezig met het conserveren van hun kapitaal en staan ze in de rij voor de reddingsoperaties.

Kapitaalconservering betekent dat je je vermogen plaatst in lage risico-beleggingen zoals overheidsobligaties, contant geld, deposito en goud. Dus mensen sparen meer en zijn hun schulden aan het aflossen om hunzelf te beschermen, maar in de Keynesiaanse terminologie zijn we gevallen in de zeer gevaarlijke ‘liquiditeitsval’.

Voor Keynes ontstond de liquideitsval wanneer bange consumenten probeerden meer te sparen en minder te consumeren. Hij betoogde dat minder consumptie bedrijven en productie zouden schaden en daarom zouden bedrijven en arbeid in gevaar zijn. Deze lagere inkomens zouden derhalve betekenen dat de poging om meer te sparen eigenlijk zouden zorgen voor een slechtere economie.

De ‘liquiditeitsval’ gaat eigenlijk over hamsteren en sparen. Terwijl het hamsteren een slechte naam heeft voor economen is het feitelijk een goede zaak. In een typisch geval gaan mensen niet hamsteren, omdat ze irrationeel zijn of zonder enige reden. Zij hamsteren als een manier om zichzelf te beschermen tegen gevaarlijke situaties. Crises, inflatie, oorlogen en andere calamiteiten zijn typisch die zaken waarom mensen hamsteren.

Niet alleen wordt de economie geholpen door het hogere spaarsaldo, maar hamsteren is eigenlijk een goede zaak, want het assisteert om het proces van deflatie te faciliteren. Deflatie helpt om een herstel mogelijk te maken. Als mensen hun consumptie (vraag) beperken dan dalen de prijzen, in het bijzonder in de eerste productiestadia. Wanneer alle soorten goederen goedkoper worden, met inbegrip van arbeid, dan neemt de koopkracht van elke gehamsterde dollar toe.

In plaats van het 'Gouden Kalf' aanbidden hele volksstammen nu de 'Papieren Geldberg'...

Alle prijzen die werden opgeboden gedurende de hausse, met land, kapitaal en andere bezittingen in het bijzonder, komen dan op een lager niveau. De schuld wordt geliquideerd en het spaarvermogen is hersteld, alsmede het vooruitzicht voor een terugkeer naar de voorspoed. Eerst onder producenten en dan onder consumenten. Derhalve versnelt het hamsteren de deflatie en de deflatie versnelt het correctieproces.

Maar Keynesianen zijn bang voor dit proces, omdat ze niet begrijpen dat het ons terugleidt naar volledige werkgelegenheid en economische groei. Ik heb dit daarom apoplithorismosphobia genoemd. Joseph Salerno heeft aangetoond dat er geen enkele theoretische basis is voor deze angst.

Ook Greg Kaza heeft aangetoond dat er geen enkele empirische basis is voor deze angst. Ironisch genoeg is het het Keynesiaans beleid, zoals reddingsoperaties, stimuleringen en inflatie, waarvoor men bang zou moeten zijn. Omdat zij onze ‘dierlijke instincten’ bedreigen en ons voor een groot aantal jaren in de ‘liquiditeitsval’ kunnen storten.

Het hamsteren herstelt uiteindelijk de meeste balansen, maar in een Keynesiaanse economie duurt het een enorm lange tijd. Gedurende deze periode kunnen mensen permanent gedesillusioneerd geraken met betrekking tot de markt en investeringen. Zij lopen het risico dat ze voortdurend blijven hamsteren. Dit is wat er gebeurd is bij veel Amerikanen die de laatste crisis hebben meegemaakt. Zuinigheid en spaarzaamheid, hoewel toe te juichen, werden een economisch litteken die ze voor de rest van hun leven meedroegen.

Keynesiaans beleid heeft geresulteerd in rampen zoals de grote crisis van de jaren 30, de stagflatie van de jaren 70 en de nasleep van de Japanse zeepbel. Elk heeft meer dan een decennium in beslag genomen. Het zou veel beter zijn om een ongehinderde vrijemarkt-correctieproces toe te staan. Zonder overheidsnetten, of reddingsoperaties zou er meer hamstering plaatsvinden, snellere deflatie, meer faillissementen en een snelle terugkeer naar welvaart.

Hoewel het drukken van geld het probleem lijkt op te lossen, gebeurt er precies het tegenovergestelde. Tot groot genoegen van de 'powers-that-be'.

Terwijl bankroet verschrikkelijk klint is het eigenlijk een geweldig en orderlijk proces.
Ten eerste worden alle balansen hersteld. Het geeft ook een kans om huidige eigenaren en administrateurs te vervangen die de bedrijven op een risicovolle manier hebben geleid. Er is geen aanleiding om zorgen te maken over bonussen hier. Sommige failliete firma’s gaan geheel over de kop en hun goederen worden geveild aan andere ondernemers tegen zeer lage prijzen.

Ik zou denken dat de dozijnen van nieuwe startende bedrijven samenwerken om de markt te voorzien van elektrische auto’s en zij zouden het heerlijk vinden om een autofabriek in Michigan op te kopen voor een drastisch gereduceerde prijs. Andere bedrijven blijven bestaan, waarbij de meeste werknemers hun baan blijven behouden, maar faillissementen reduceren schulden en kosten en geeft de gelegenheid om opnieuw over contracten en loontarieven te onderhandelen.

De gevolgen na deze faillissementen zijn die van nieuwe eigenaren en producenten met veel minder schuld, terwijl hun ‘dierlijke instincten’ niet zijn verwoest. Bedrijven zouden minder schuld hebben en mede daarom een lagere kostenstructuur. Sommige consumenten zouden enorm veel gehamsterd kapitaal hebben en zijn dan in de gelegenheid om te kopen tegen veel lagere prijzen. De economie begint dan aan een herstelmodus en kan zeer snel over een volledige werkgelegenheid en een economische groei beschikken. Het meest belangrijk is echter dat men niet de verliezers met reddingsoperaties probeert te redden, want er is dan geen moreel risico dat ondernemers altijd zullen geloven dat ze worden gered via deze reddingsoperaties in de toekomst.

Omdat ze niet begrijpen hoe de markt werkt denken Keynesianen dat dit fantasie is. Maar als men het recept zou volgen van de Oostenrijkse School en de liquidaties van failliete firma’s en schulden zou toestaan, de prijzen te laten dalen zonder monetaire inflatie, niet de werkgelegenheid stimuleren met subsidies en niet het hamsteren te ontmoedigen, pas dan krijgt men het snelst mogelijk herstel en een minimalisering van de heftigheid van de economische pijn.

Mark Thornton

Advertentie

4 thoughts on “John Maynard Keynes’ omgekeerde economische wereld…

  1. Mooi, helder, dank je Guido voor dit artikel over de Oostenrijkse School.

    Zouden Wouter Bos en Gerrit Zalm dit ook hebben geweten?

    Of De Jager? Wie gaat laatst genoemde(en onze aanstaande premier) dit eens fijntjes uitleggen, zodat we bij een volgend kabinet bij een debacle als ABN-Amro niet opnieuw 30-40 miljard euro ‘fictief’ of ‘virtueel’ overheidsgeld (lees: belastinggeld) laten verdampen …?!

    Rik

  2. Dit is een mooi verhaal, maar pakt niet het eigenlijke probleem (of oorzaak) aan, namelijk rente en fractionele reserve (ofwel; geldscheppen uit het niets, dit is echt niet van de laatste tijd…. heb je je ooit wel is afgevraagd waarom alles duurder moet worden …. ). Er zal een srtuctureel ander economisch systeem gebouwd moeten worden. een die allen dient en niet een paar, met geld als middel en niet als doel. Pas dan zal er welzijn en welvaart zijn voor iedereen, zullen er geen armen meer zijn (maar echt nog wel rijken hoor 🙂 en zullen we tijd hebben om te zorgen voor elkaar en ‘onze’ aarde…….

    1. Ik ben het helemaal eens met deze analyse. Dr.Zarlenga van het American Monetary Institute stelt het heel principieel: geldschepping is een overheidstaak, en mag niet aan private partijen gedelegeerd worden. Hij heeft zelfs een wetsvoorstel gemaakt, dat een einde maakt aan de FED en het systeem van fractional banking. Zijn boek “The Lost Science of Money” geeft hieraan een historisch en filosofisch fundament, want hierin beschrijft hij de geschiedenis van het geld over de afgelopen 5000 jaar. Zie http://www.monetary.org . Je kunt ook een pdf file van 32 pags downloaden waarin deze American Monetary Act staat en toegelicht wordt: http://www.monetary.org/32pageexplanation.pdf

  3. Helaas voor de onnozelen en literaire onbenullen is de visie van Alvin Toffler.(30 jaar oud)
    Les 1
    Belasting op arbeid geleidelijk omslaan naar belasting op kapitaal ergo; arbeid wordt schaars en kapitaal groeit.

    SUX6

Geef een reactie