
Een diepe wijsheid in één plaatje. Een glimlach waar(d)…
x
Orgaandonatie, méér dan een medische ingreep!
2012 © Ellorene Westerhout
x
Ben jij al donor? Deze week wordt er campagne gevoerd om mensen op te roepen om orgaandonor te worden. Een blik BNers is uit de kast getrokken om mensen over de streep te trekken. De wervingsactie via de moderne media van 22 oktober leverde al 15.000 nieuwe registraties op.
Natuurlijk is onze bereidheid om andere mensen te helpen groot. Maar hoever willen we en kunnen we gaan in onze medemenselijkheid? In hoeverre mogen we aan ons eigen ‘lijfs’behoud denken als er ernstig zieke mensen om ons heen zijn?
Ja, er zijn mensen van wie we alles mogen hebben. Maar er zijn ook mensen die hun organen (liever) niet willen afstaan. En er zijn ook mensen die niet weten wat ze hiermee aan moeten. Ik hoop voor de laatste groep deze materie wat in kaart te brengen.
“Het komt er niet van”..?
Tot nu toe was de donorregistratie vrijwillig. Dit heeft kennelijk niet genoeg aanmeldingen opgeleverd. Recent hebben medisch specialisten en patiëntenverenigingen de media opgezocht met hun dwingende wens om het registratiesysteem aan te scherpen. D66 ging hen al voor in augustus (campagnetijd!) met een voorstel voor een actief donorregistratiesysteem, in te voeren via een initiatiefwet. Deze wet wil ons dwingen een keuze te maken tussen wel of geen donor zijn en bij geen gehoor word je automatisch als donor geregistreerd. We zullen wakker moeten worden om te weten wat een goede keus is.

Ook Marieke de Vrij onderschrijft de opvatting, dat onze organen méér doen dan alleen maar hun ‘fysieke werk’..! Klik voor artikel.
Uit onderzoek is gebleken dat bij veel mensen ‘het er niet van komt om zich te registreren’. Dat zal zeker dikwijls het geval zijn en ook wel begrijpelijk in deze tijd van een hoge dosering aan informatie en appèls. Toch houd ik er ook rekening mee dat mensen de beslissing voor zich uit schuiven, omdat ze niet weten wat ze moeten doen of omdat ze het ‘ergens niet willen’.
De informatie over orgaandonatie en de campagnes leggen veel nadruk op solidariteit en belichten nauwelijks het subjectief-fysieke aspect. Er gaat veel aandacht naar de ontvanger en de consequenties voor de gever worden maar beperkt in beeld gebracht.
Bij orgaandonatie ligt de nadruk op het afstaan van onze organen na onze dood. Hoewel een aantal mensen hiermee geen probleem heeft, zijn er ook mensen die hier vraagtekens bij hebben of zich hier ongemakkelijk over voelen. Voor hen is te weinig oog en oor.
Gebrek aan bewustzijn?
In onze cultuur en in de westerse wereld wordt het lichaam beschouwd als een massa vlees. Dat klinkt oneerbiedig, maar daar komt het wel op neer: ons lichaam bestaat uit cellen, organen en weefsels die door middel van complexe processen één functionerend organisme vormen. Een knap knutselwerkje van de natuur volgens velen, een wonderbaarlijke creatie van God volgens anderen. Er is weliswaar onderzoek gedaan naar immateriële aspecten van ons lichaam, bv. energetische en ook naar de samenhang van geest en lichaam, maar hieraan wordt slechts een minimale plaats toegekend in de gevestigde wetenschap.
Bovendien is in onze cultuur het thema sterven en dood zwaar onderbelicht, zodat we er weinig over weten dan wel voeling mee hebben. Er is eveneens onderzoek gedaan naar energetische en spirituele aspecten van het stervensproces en de dood, maar deze informatie wordt nauwelijks gebruikt. Het probleem is dat deze terreinen van leven niet in het heersende denkbeeld passen. Zodoende zitten we met een gebrek aan bewustzijn als het gaat om sterven, dood, ziel, het persoonlijke lichaam.

Je bent een lafaard als je niet doneert.. Dat staat er eigenlijk..!! Gaan we in Nederland ook die kant op..?
Organen zijn meer dan ‘vlees’..!
In onze cultuur wordt dus gewerkt vanuit de visie dat onze organen en weefsels slechts biochemische substanties zijn. Knap in elkaar gefabriceerd, maar niets meer en niets minder. Vanuit dit materieel geconcentreerde bewustzijn kan je ook niet anders. Maar als je bewustzijn verder reikt, ben je je er van bewust dat er ook andere aspecten een rol spelen.
Dat kun je verschillend benoemen, er is geen eenduidige taal hiervoor ontwikkeld. Ik begin maar met het gebruik van het woord ‘ziel’, als begrip voor een persoonlijke energie.
Welnu, al onze organen en weefsels, al onze cellen zijn doorspekt met deze persoonlijke energie. Ons hele lichaam is in feite bezield. En in onze ziel ‘ligt’ alle informatie opgeslagen over wie we zijn, wat we hier komen doen en wat we hebben meegemaakt. Dat is een heleboel informatie. Het is deze persoonlijke energie die ‘het’ vlees tot ‘ons’ vlees maakt. Ons lichaam manifesteert zich natuurlijk duidelijk als substantie: een ingewikkeld maar goed georganiseerd systeem van cellen waarin doorlopend processen plaatsvinden, waarbij stoffen worden opgebouwd, afgebroken en omgebouwd.

Zo simpel als het lijkt is het dus niet..!
Dit materiële aspect is inmiddels grotendeels in kaart gebracht. Onze ziel wordt bestudeerd door aparte wetenschappen, maar de connectie tussen ziel en lichaam is een nog onontgonnen terrein, ondanks dat er wel onderzoek naar gedaan is en wordt. Echter, onderschat ons eigen bewustzijn niet. Met dit vermogen kunnen we hier veel verkennen en ontdekken.
Van informatie naar orgaan!
Ons lichaam draagt informatie in de hoedanigheid van materie, onze ziel draagt informatie in de hoedanigheid van energie. Deze informatie betreft vele en gevarieerde aspecten van onze persoonlijkheid die zich over meerdere dimensies uitstrekken. Dit alles is georganiseerd in een uitgebalanceerd energiesysteem wat zich manifesteert als een complex energiepatroon. Het is een deel van onze aura, om deze term er maar bij te halen.
Dit patroon vormt het sjabloon voor de lichaamsstructuren. De vorm van het menselijk lichaam als zodanig ligt besloten in een collectief energiepatroon. Hierbinnen zijn er nog varianten per klimaat en andere omgevingsfactoren en in ieder individu heeft elk orgaan en elk weefsel een persoonlijke karakteristiek. Het functioneren van onze organen wordt enorm sterk beïnvloed door het energieveld dat hen ‘omgeeft’. Het is een verkeerd woord, want de energie omgeeft ons lichaam niet, maar ìs ons lichaam in energie”vorm”.

De fysieke overdracht van een orgaan, is méér dan een fysiek proces.
De energie van een orgaan zit dus op dezelfde ‘plek’ als het fysieke orgaan; je kunt ook zeggen dat ze beiden dezelfde ruimte innemen waarbij overigens de energiecomponent zich vrijelijk kan bewegen door het hele systeem. Het ‘substantiële’ orgaan is dus plaatsgebonden, maar het ‘energetische’ orgaan niet. De orgaanfunctie wordt sterk beïnvloed door het stukje informatie van onze ziel dat hieraan gekoppeld is. Zo kan het functioneren versterkt, belemmerd, ondersteund of gebalanceerd worden vanuit de ziel.
Er zijn diverse therapeutische methoden die met deze koppeling van energie-fysiek werken. Wie hiermee bekend is heeft de ervaring dat het herstellen van de balans of het opheffen van blokkades klachten en symptomen kan doen verdwijnen. Het betekent ook dat we vanuit ons bewustzijn meer invloed kunnen uitoefenen op ons lichaam en onze gezondheid dan algemeen wordt aangenomen.
Er is echter een tendens om deze kennis verkeerd te interpreteren. Wat als een menselijk vermogen beschouwd kan worden wordt gauw verbasterd tot een aansprakelijkheid. En de stap van aansprakelijkheid naar schuld is dan snel gemaakt. Ziek zijn is niet eigen schuld dikke bult. Je kan het wel als een gelegenheid oppakken om bewust te worden van nieuwe mogelijkheden.
Orgaandonatie als testament
De donorregistratie gaat vooral over het afstaan van je organen als je dood bent. Maar wanneer ben je dood? Medisch gezien moet een orgaan zo snel mogelijk uit je lichaam gehaald worden om de overstap naar de ontvanger te laten slagen. De medische parameters voor ‘dood’ lopen echter niet synchroon met de energetische of spirituele parameters. Het stervensproces lokaliseren we nu als periode tot aan het moment dat je je laatste adem uitblaast of tot het moment dat je hersendood bent. Hierna worden we dood verklaard.
Energetisch werkt dat echter niet zo. Nadat je je laatste adem hebt uitgeblazen, en ook als er medisch hersendood is vastgesteld, bevindt zich nog veel energie in je lichaam. Zelfs je persoonlijke energie heeft zich nog niet geheel uit je lichaam terug getrokken. Energetisch bevind je je nog steeds in het stervensproces dat pas voldoende afgerond is na vier à vijf dagen, gemiddeld genomen. Dit is van oudsher de periode tussen sterven en begraven. Althans in onze cultuur.
Er zijn culturen waarin men binnen 24 uur het lichaam van de overledene begraaft of cremeert. Hoe dit uitwerkt op de ‘uitgestapte ziel’ hangt samen met de denkbeelden over geboorte, leven en sterven. Maatgevend is hoe deze processen in het collectief bewustzijn zijn “opgeslagen”.
Overigens erkennen het zen-boeddhisme en shintoïsme de hersendood niet als criterium voor dood. Hier wordt ‘hara’, een energiecentrum onder de navel, als maatstaf voor leven en dood genomen.
Wanneer ons lichaam direct na de laatste ademtocht opengesneden wordt om een of meerdere organen te laten verwijderen, dan bevindt een deel van onze persoonlijke energie zich nog in ons lichaam. Hèt lichaam is nog steeds òns lichaam en onze organen zijn nog ‘vervuld’ van onze persoonlijkheid. De overledene ondergaat dan eigenlijk een amputatie en de ontvanger krijgt een ‘beladen’ orgaan. Dat kan voor beide partijen problemen op leveren. Het kàn… het hoeft niet, maar het is wel iets waar we nu geen rekening mee houden en dat is een ontbrekende schakel die ons mogelijk voor nieuwe problemen kan stellen.
Complicerende overlijdenssituaties
Overlijden door een ongeval
Met name jonge mensen hebben nog zeer vitale organen waardoor deze uitermate geschikt zijn voor transplantatie. Door onze onbekendheid met het sterven en de dood komt de uitgestapte ziel jammer genoeg in een zeer verwarrende en ongelukkige situatie. Hij kan zijn lichaam niet meer in, maar identificeert zich er nog volledig mee. Hij begrijpt dan niet wat er aan de hand is en waar hij is. Soms is de ontreddering erg groot.
Het verwijderen van organen kan dan een afschuwelijke ervaring zijn voor de ziel. Het zou dan ook ondersteunend werken als er iemand is die de overleden ziel duidelijk kan maken wat er aan de hand is, waar hij zich bevindt en waar hij naartoe kan gaan. Gedurende dit contact kan ook de orgaandonatie ter sprake worden gebracht.
Het communiceren met net overleden personen is betrekkelijk gemakkelijk, omdat hun bewustzijn nog voldoende aangesloten is op ons collectief bewustzijn. Ik kan in zijn algemeenheid niet inschatten hoeveel tijd dit vergt, maar er zullen gevallen zijn waarbij de tijd die de ambulance nodig heeft om het ziekenhuis te bereiken voldoende is om het ‘gesprek’ te voeren en af te ronden.
Overlijden door een misdrijf
Hier moeten we er rekening mee houden dat aan deze manier van overlijden meestal een bedreigende situatie vooraf gaat. Dit veroorzaakt een grote stresstoestand zowel in het lichaam als in de ziel. Als we hier niets mee doen dan gaat hier een dubbel effect vanuit.
Overlijden door zelfdoding
In veel gevallen is het de persoon die voor de dood kiest en niet de ziel. Dit is een lastige tegenstelling. Bij zelfdoding wordt het lichamelijk leven met geweld beëindigd. Na het klinisch overlijden zijn lichaam en ziel nog sterk doordrongen van alle frustraties, emoties en gedachten die tot de suicide geleid hebben. Deze kleven nog aan de organen en de weefsels als geheugen, in energievorm, wanneer ze uit het dode lichaam verwijderd en in de levende ontvanger geïmplanteerd worden.
Hoe te doneren?
Wat mij betreft is het niet een kwestie van wel of niet doneren, maar meer van hoe gaan we het doen? Als we bij leven een orgaan afstaan, dan hebben we de mogelijkheid om ons orgaan te ont-persoonlijken. De donor laat dan niet alleen zijn orgaan medisch uitsnijden, maar neemt er ook bewust afscheid van. Dit klinkt misschien vreemd in de oren, maar energetisch werkt het zo en is het belangrijk om je lichaam (bij leven) èn je ziel (bij leven en in de dood) goed te laten herstellen. Een kant-en-klaar recept heb ik niet, ieder moet het voor zichzelf uitvinden, maar ik wil wel wat aanwijzingen geven.
Wat bv. goed werkt is: contact met je orgaan maken en het bedanken voor de trouwe dienst. Het orgaan laten weten wat ermee gaat gebeuren en wat je ertoe gebracht heeft het af te staan. Het gaat in wezen om een goed afscheid nemen van je orgaan.
Er zijn voorbeelden van familieleden die een orgaan afstaan. Meestal is dit een daad van diepe liefde en dat is een hele positieve en veilige manier om iets dat zó innig met jou verbonden is weg te geven. Het doneren van een orgaan kan dus wel, maar doe het met een groter besef dan “even een medische ingreep”. Het zou mooi zijn als artsen hierbij een begeleidende rol zouden spelen, maar dan moeten zij zich willen verdiepen in dit domein van “tussen geest en lichaam”.
Ook is het mijns inziens mogelijk om je organen af te staan na je dood, maar niet op de huidige manier. Om te beginnen denk ik dat het belangrijk is dat we bij leven het besluit tot orgaandonatie zorgvuldig nemen. Dat we hierbij een kritische afweging maken of ze zich willen laten afstaan en of ze energetisch in orde zijn. Iedereen heeft wel een zwakke plek in zijn lichaam. De organen die tot een zwakke plek behoren zijn energetisch niet optimaal om in een ander lichaam tot volledige ontplooiing te komen. Organen die tijdens het leven langdurig belast zijn, kunnen in de ontvanger voor vreemde problemen zorgen.

Alex Grey, de artiest die de uitstraling van het hart als ‘holy fire’, heilig vuur, ziet. Een ander verhaal dan het verhaal van het hart van ‘vlees en bloed’..?
Ik zie het zo
Als wij de moeite nemen (of leren) om in contact te komen met ons lichaam zullen wij onze organen met bewustzijn kunnen uitkiezen en ze bewust kunnen voorbereiden op een toekomstig afstaan. Deze informatie wordt dan in ons orgaan ingebouwd wat tijdens het stervensproces weer beschikbaar kan komen.
Wanneer we tegelijkertijd meer kennis opbouwen en in contact komen met dit grensgebied van het leven, zullen we tijdens het sterven, en zeker in geval van een abrupt overlijden, beter begrijpen wat er gebeurt en zal dit hele verhaal soepeler verlopen. De ont-persoonlijking van onze organen kan beter plaatsvinden en de artsen hoeven nauwelijks tijd te verspillen om ze beschikbaar te maken voor de ontvanger.
Ik denk ook dat de betrokken artsen en hulpverleners, naast hun huidige taak, een faciliterende rol kunnen spelen in de overgang van het ene lichaam naar het andere. En tenslotte kan de ontvanger een actieve rol spelen om het orgaan te incorporeren. De medici doen het timmermanswerk en het is aan de ontvanger om het nieuwe orgaan welkom te heten, thuis te laten komen in dit nieuwe lichaam en het ‘eigen’ te maken.
Ellorene Westerhout
oktober 2012



Ik kwam het volgende tegen. Natuurlijk begrijp ik de verschillen tussen “vegetatieve staat”en “hersendood”( hoewel die termen natuurlijk nogal discutabel zijn)Maar als we de een zo verkeerd lijken te hebben geinterpreteerd, kan dat ook voor de ander gelden!
http://www.niburu.nl/bewustzijn/man-in-coma-gebruikt-gedachten-om-te-zeggen-dat-hij-geen-pijn-heeft.html
Toevallig heb ik net via DigiD de keus voor niet doneren aangegeven. Ik heb e.e.a. onder de loep genomen en ben van mening dat het implanteren van een orgaan van een donor teveel risico’s met zich meebrengt. Ten eerste heb je het feit dat ieder orgaan unieke eigenschappen heeft die overeenkomstig de toebehorende persoon zijn. Ik heb iemand meegemaakt die dan ook aan het vechten was voor zijn leven omdat het orgaan niet zonder meer geaccepteerd werd. Ook gebruikte hij volgens mij een behoorlijk aantal medicijnen en ook andere natuurlijke remedies om de afstotingsverschijnselen de kop in te drukken. Ook ben ik er niet van overtuigd dat het op een goede manier afscheid nemen van een orgaan een oplossing is. Alles wat in je onderbewustzijn is opgeslagen bevindt zich verdeeld over de diverse organen, dus je geeft dan als donor ook een stukje geestelijke informatie mee en dat gaat volgens mij niet succesvol zijn. Om het zekere voor het onzekere te nemen laat ik mijn lichaam daarom intact zodat ik zeker weet dat ik alles meeneem tot ik me volledig van mijn lichaam heb ontdaan.
Buiten het energetische verhaal is er een ander: indien er een bepaald orgaan nodig is voor een patiënt (bijv. een familielid van een specialist) en het ‘komt langs’ op de Eerste Hulp (bijv) wie kan dan garanderen dat je orgaan niet belangrijker wordt dan jijzelf en dat ‘ze’ je laten gaan om hun familielid te kunnen redden?
Rijke mensen zijn bereid en in staat veel te betalen voor een stukje langer leven……..
Ik weet inderdaad niet precies waarom, Guido, maar bij het lezen van de twee voorlaatste alinea’s gaat mijn hart ook krimpen:
“Als wij de moeite nemen (of leren) om in contact te komen met ons lichaam zullen wij onze organen met bewustzijn kunnen uitkiezen en ze bewust kunnen voorbereiden op een toekomstig afstaan. Deze informatie wordt dan in ons orgaan ingebouwd wat tijdens het stervensproces weer beschikbaar kan komen.
Wanneer we tegelijkertijd meer kennis opbouwen en in contact komen met dit grensgebied van het leven, zullen we tijdens het sterven, en zeker in geval van een abrupt overlijden, beter begrijpen wat er gebeurt en zal dit hele verhaal soepeler verlopen. De ont-persoonlijking van onze organen kan beter plaatsvinden en de artsen hoeven nauwelijks tijd te verspillen om ze beschikbaar te maken voor de ontvanger.”
In mijn bewustzijn resoneert dit niet bepaald als helder, zuiver. Wat voel jij er bij, Guido? Hoe vaker ik het herlees, een des te naardere smaak dringt zich aan mij op.
Ik raad je aan even op de boeklink ónder het artikel te klikken, op de lead naar Bol.com, voor het boek: ‘De Taal van de Organen’.. Het boek zegt m.i. genoeg over de capaciteit van ELK levend organisme, om ‘intelligent’ te communiceren. En daarmee bedoel ik ‘interactief’.
Laten we daarbij de term ‘bewust-zijn’ even buiten beschouwing, om het niet nodeloos ingewikkeld te maken.
Daarnaast staat HIER op de site, het artikel van Dr. Hamer. Hij kan je ALLES vertellen over intelligent-communicerende organen/weefsel. Hopelijk heb je hier wat aan..!
Bedankt, Guido!
Ik weet niet of orgaandonatie hoedanook van deze tijd is. Ik verklaar me nader: we zitten nu bijna met zijn tien miljard op deze aardbol liet ik me vertellen. Op scholen waar ik les gaf zag ik hoe kinderen die op zes maanden werden geboren toch nog het leven werd ingeblazen en die soms daarvoor erg kwaad zijn. Op hun moeder bij voorbeeld. Een meisje vond het echt wel vreselijk dat ze “niets kon bedenken”. Zij was een veel te vroeg geborene. Anderzijds ken ik twee oudere mensen (88 en 93) en eigenlijk nog meedere, die door de moderne kennis ter zake nog langer leven dan eigenlijk de bedoeling was. Ze zijn het beu te moeten leven en kunnen daar niet echt iets aan doen. Beiden tekenden ze wel een tekst waarin staat dat ze niet meer willen geholpen worden indien hen iets overkomt. In deze tijden blijven meer mensen in leven ‘dank zij’de medische kennis. Ik weet het nog zo niet of dat allemaal wel goed is. De pharmaceutische sector vaart er natuurlijk zeker en vast wel bij. Maar… wanneer je het hebt over levenskwaliteit weet ik het nog zo niet. Of ik met een donor orgaan door het leven zou willen gaan? Nee, ik niet. Enerzijds voor in het artikel vernoemde redenen. Anderzijds: wanneer ik zodanig ziek ben dat een orgaan het niet meer doet vind ik niet dat ik het leven van een ander op het spel moet zetten om het mijne een beetje komfortabeler te maken. Want die ander ondergaat eveneens een erg traumatisch operatie die zelfs zijn psyche kan veranderen. Neen, we zijn inderdaad geen “klompje vlees”…Anderzijds ken ik een supersympatiek persoon die met een probleem is geboren en telkens weer een donororgaan nodig heeft. dat sterft af na een tijd) Ze is nu tegen de veertig aan en staat op en zeer lange wachtlijst in verband met een te doneren orgaan. Intussen is het verschrikkelijk afzien. Mijn vraag is: was zij inderdaad wel echt levensvatbaar toen ze werd geboren? en hebben wij als mensen wel het recht te interfereren op dat gebied gewoon omdat de medische wereld deze tijden ‘alles’ kan? Ze zegt zelf: ik wil er zelfs geen seconde over denken te zullen weten ooit van wie ik een orgaan kreeg. (in de zin van: wie heeft een deeltje van zijn leven gegeven voor het mijne?) Nog een puntje: wanneer een orgaan wordt gegeven dan moet je nog leven. Wanneer bij voorbeeld bij een ongeval het leven dreigt weg te ebben, wie bepaald dan of een orgaan zal worden ‘gegeven’? Dat orgaan moet immers nog levensvatbaar zijn: dus dan ben jij dat zelf eveneens. Niet? Anders kan het toch niet. Je komt dan onder narcose te liggen (zo hoorde ik iemand vertellen)maar als je al dood bent waarom dan nog narcose gebruiken? Dat is niet erg duidelijk voor mij. Is het niet zo dat vroeger drie dagen werd gewacht tot iemand duidelijk was gestorven en zijn geest weg kon vooraleer hij werd begraven? Nee, geen donorschap voor deze vrouw, ook niet voor mezelf want ik wil dat een ander niet aandoen…
I just Love people like you…..
let’s get together.
Stay Human,
Zjoz.
Dat heb je goed Bie Cannaerts, drie dagen om te onthechten na overlijden.
Overlijden komt van het oud-Hollandse woord ‘Overlieden’.
En dat betekent’Naar de overkant gaan’. (Gene Zijde)
Denk maar aan de waarheid van sprookjes en kinderspelen.
Zoals het liedje ‘Schipper mag ik over varen’ en de film ‘Wie betaald de veerman’. Dus maak je zelf je levenshandeling =karma.
Organen zijn een onderdeel van ziel, geest en lichaam. resp. Jij,jouw zijn en je stoffelijk voertuig. Dus bij het moment van orgaan overdracht ben je nog niet van de aardse levenshandeling (nogmaals karma) af.
Ik raad jullie in dit opzicht het boekje van Marieke de Vrij over orgaandonatie aan te schaffen en te lezen (€ 5,-).
Daarbij doet ze in het slotwoord verslag van haar worsteling, die feitelijk geleid heeft tot een breuk met een aantal mensen om haar heen, die zeiden dat het energetische overdrachtsprobleem niet definitief van aard zou zijn, wanneer organen té vroeg worden verwijderd, dus vóórdat de energetische levenservaringen zijn overgedragen aan de Ziel.
Marieke heeft herhaaldelijk aan haar (onstoffelijke) begeleiders gevraagd, of het juist is dat de schade-aan-de-Ziel definitief is en onherroepelijk. Het antwoord bleef bevestigend. Dit is de tekst die Marieke in haar boekje als slotwoord gebruikt:
Heel vreemd dat deze Totale Waarheid enkel door bewust spiritueel levende mensen gezien wordt. De medische wetenschap loopt altijd weer achter de wagen. Zij hebben geleerd maar blijven domme jongens.
ook zakkenvullerij heeft hier deel aan.
Zodra de mens over gaat heeft deze het volledige recht om te onthechten van zijn stoffelijk voertuig. Door die zogenaamde orgaanwerving, ervaren zielen die hersendood genoemd worden veel ellende doordat zij levend gesloopt worden.
Hoe respectloos kan men met de medemens omgaan?
Is dit onwetendheid of levensblind,doof stom?
Wat fijn Ger dat je hier je intelligente visie hebt gepubliceerd.
Dank je, dank je wel.
WAAR BLIJFT DE DONOR?
“Bent u al donor?” vraagt de televisiestem. Er verschijnen alleen maar jaknikkers in beeld, van wie ik betwijfel of ze weten waar ze het over hebben. En weer krijg ik geen donor in beeld, maar mensen die zeggen dat ze het zijn terwijl dat niet zo is. De echte donor wordt zorgvuldig buiten beeld gehouden.
Hoe zit het met de donor? Met de zo genaamde postmortale donor wel te verstaan? Postmortaal betekent na de dood. Het enige wat ik te horen krijg, is dat deze dood is. Postmortale orgaandonoren zijn mensen met zwaar beschadigde hersenen die buiten het normale dagbewustzijn verkeren. Zij worden in het ziekenhuis onderworpen aan specifieke protocollen en op basis hiervan wordt beslist of zij dood zijn. De zwaar beschadigde hersenen vormen zo het fundament om deze personen dood te verklaren. ‘Hersendood’ heet dat.
Hoe ziet zo’n mens eruit? Al sinds orgaantransplantatie gepraktiseerd wordt, vragen talloze mensen zich dit af. Is hersendood wel echt dood? Campagnemakers en overheid, breng ook deze mensen nou eindelijk eens in beeld. Als de problematiek van de potentiële ontvanger het waard is in beeld te verschijnen, is toch zeker ook de donor dat waard. Hij is immers de enige die transplantatie mogelijk maakt.
Omdat ik elke vorm van voorlichting mis, ga ik zelf op onderzoek uit en wat ontdek ik?
• Youtubes van hersendode mensen die er toch weer bovenop zijn gekomen, getoond tijdens een congres in Rome over hersendood – dat nota bene als titel “Tekens van Leven” draagt – en waar verschillende deskundigen ernstige kritiek uiten op hersendood als criterium om iemand dood te verklaren.
• De Engelse hartspecialist dr. David Evans is in Cambridge gestopt met harttransplantaties omdat hij ervan overtuigd is dat harten worden weggehaald uit levende mensen. Twee andere cardiologen weigeren eveneens nog langer aan deze operaties deel te nemen. In een ander ziekenhuis in Cambridge weigeren vier van de zeven anesthesisten nog langer mee te werken aan levertransplantaties.
• In Japan wordt hersendood niet erkend als criterium om iemand dood te verklaren en vormt dientengevolge ook geen basis voor orgaantransplantatie.
• Twee weken geleden lees ik het verhaal van een Engelse neuroloog die na hersendood verklaard te zijn weer tot bewustzijn komt.
• De Braziliaanse hoogleraar neurologie prof. dr. Cicero Coimbra fulmineert al jaren tegen het hersendoodcriterium. Op de vraag of een hersendode echt dood is, antwoordt hij resoluut: “Neen, een hersendode leeft nog! En met een adequate behandeling kunnen sommigen weer hun bewustzijn terugkrijgen”. Hij heeft enige hersendood verklaarde patiënten weer tot bewustzijn gebracht met een behandeling die niet gericht is op het verkrijgen van organen, maar op herstel van de hersenbeschadiging. Hoe hij dat doet, komt hij uitleggen op het congres van de Stichting Bezinning Orgaandonatie op 9 november in Amersfoort. (www.orgaandonatie.biz/congres.html )
De ongemakkelijke conclusie is dat een orgaandonor leeft op het moment dat de uitname-operatie begint. Aan deze conclusie kleeft een nog veel ongemakkelijker vraag: wat ervaart de donor als de organen worden verwijderd?
Waarom wordt ons deze informatie door de overheid onthouden en verzwijgt de ‘donorweek’ dit?
Zouden al die mensen die ons met een enorme tunnelvisie over de streep willen trekken om donor te worden een antwoord op deze vragen hebben? Zouden ze ook weten dat er minstens twaalf gevallen bekend zijn van hersendood verklaarde zwangere vrouwen die in leven zijn gehouden en na ongeveer een maand een levend kind ter wereld hebben gebracht? Hoe is dit mogelijk bij een dode, een ‘stoffelijk overschot’ zoals de Wet op de orgaandonatie stelt?
Waar blijft de donor? Schrijnend tekent zich af dat het belang van de donor verwaarloosd wordt. Een orgaandonor leeft en hersendood is geen medische diagnose, maar een prognose: als er niets wordt gedaan, gaat betrokkene dood. Hersendood is een opportunistische afspraak, gemaakt door neurologen en gelegaliseerd door de overheid. Resultaat: het stervensproces van een mens wordt ernstig verstoord. Dit leidt ook tot groot verdriet bij familie en vrienden van betrokkene. Zij willen doorgaans bij het stervensproces aanwezig zijn omdat ze dit ervaren als een unieke en intense beleving die ongelooflijk kostbaar is. Het idee dat er in je geliefde gesneden wordt terwijl hij/zij niet dood is, is onverdraaglijk. Campagnes die deze informatie almaar onder het tapijt schuiven, kunnen gemist worden.
Veel mensen hebben hun twijfels bij de vraag of ze orgaandonor willen zijn. Volkomen terecht en integer. Het is hoog tijd dat overheid en medici zich dit aantrekken en zich verantwoordelijk voelen voor de orgaandonor die in de juiste omstandigheden soms weer tot bewustzijn gebracht kan worden. Als dit niet meer lukt, verdient deze mens een wettelijk gegarandeerd fatsoenlijk stervensproces waar zijn naasten bij aanwezig mogen zijn.
Ger Lodewick,
auteur van o.a. “Ik hou mijn hart vast; andere dimensies van orgaandonatie” en “Hersendood, een dodelijke tunnelvisie” en bestuurslid van de Stichting Bezinning Orgaandonatie.
http://www.orgaandonatie.biz/interview.html
http://www.hersendood.org/waarom
Ik heb je maar even op de gastcolumn gezet Ger.. Met je welnemen..!
@ger
bedankt voor deze zeer goed onderbouwde bijdrage. Ik heb beide ouders vastgehouden tijdens hun sterven en heb dat als een zeer mooie ervaring en een grote steun in het rouwproces ervaren. Ik ben heel blij dat beide geen orgaandonor waren.
Jouw bijdrage hier is een wezelijke toevoeging van de dialoog omtrend orgaandonatie, bedankt daarvoor.
Dank je wel Ger, fijn om dit te lesen, fijn dat je de moeite hebt genomen er een boek over te schrijven.
Met mensen als jij, komen we verder, stap voor stap.
Stay Human,
Zjoz.
Bedankt voor je informatie, Ger! Goede, heldere website. Ben er inmiddels achter dat de term hersendood wel erg vaag is, niet in alle landen bestaat en waar wel anders geinterpreteerd wordt. Ik heb altijd al een sterke afkeer van orgaandonatie (zowel ontvangen als krijgen) gehad en dit beantwoordt mijn gevoel. Voor mij bestaat er maar 1 soort dood en dat is de biologische dood. Iemand die hersendood is, zou kunnen herstellen, maar met het oogsten van diens organen, wordt het allemaal wel defintief… Moord? Ja, ik denk het wel.
Moord met voorbedachte rade, dat veel mensen dat zo niet ervaren, geeft des te meer aan hoe triest het gesteld is met het mensenDom.
Hoe anders in het dierenRijk…….
Ik heb jaren geleden al besloten dat ik GEEN donor wilde zijn en ook GEEN donororgaan van een ander wil hebben mochten die van mezelf het begeven. Het zijn mijn organen met dus mijn energie eraan en die wil ik niet in het lichaam van een ander hebben en ik wil dus ook niet de energie van een ander in mijn lichaam hebben. Het laatste zal waarschijnlijk nooit gebeuren want mijn lichaam is door mijn nogal ruige manier van leven zo gesloopt dat ze mij waarschijnlijk meteen naar de schroothoop verwijzen. Mijn hart, nieren, lever, longen, darmen en maag zijn allemaal beschadigd en ik heb terminale botontkalking en spierdystrofie en nog een levensverwachting van minimaal 5 jaar volgens de doktoren. Het laatste moet ik overigens nog maar zien want ik heb in het verleden al meerdere keren bewezen dat ik een overlever ben. Ik had de 35 en 40 jaar ook niet moeten halen volgens de doktoren. PEACE ♥
Helder en inzichtelijk verwoord, @Brigit!
Het artikel gelezen hebbend, kun je je toch niet aan de indruk onttrekken dat de schrijfster de tegenstanders wil omturnen, gezien – met name – de laatste alinea.
Wat ik in artikel én reacties mis, is de aanleiding voor het [vroegtijdig] sterven van de mogelijke donor. Een ziekte geeft toch bijna altijd aan, dat er door “de gebruiker” niet goed met [een bepaald aspect van] het lichaam/de ziel is omgegaan (zie bijvoorbeeld de Germaanse Nieuwe Geneeskunde). En [een ziekte] is in die zin een signaal dat hierop attent tracht te maken. Juist nú is ontdekt dat water een groot herinneringsvermogen heeft (onze lichamen bestaan grotendeels uit water!).
http://www.awi.de/en/news/press_releases/detail/item/englisch_einsetzen/?cHash=a620d516687d75927c85303083c4702e
http://www.grahamhancock.com/news/index.php?node=31100
Kunnen we, in plaats van de discussie over orgaan-doneren te voeren, niet beter gaan nadenken over het voorkómen van orgaandisfunctie?
In een vroeg stadium de signaalfunctie van een onvoldoende werkend orgaan begrijpen en vervolgens actie ondernemen.
Wat bijvoorbeeld te denken van de behandeling van kanker, zoals in Israël, waar het kanker-sterftecijfer 250 (!!!) maal lager is dan in Nederland? Zie: http://www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=B7Jq2YIKc4w#! (http://www.wcrf.nl/onderzoek/feitenencijfers.php)
Solidariteit is een waardevol gegeven; maar, zoals Brigit hier ook al naar verwijst, misschien gaat er iets dat nog waardevoller is, aan solidariteit vooraf: oorspronkelijkheid. WIE ben “IK”?
Er hoeft niemand te worden ‘omgeturned’… Het gaat in dit artikel om een volledige blik op orgaandonatie. Het gaat om het respect naar de mensen toe, die niet precies weten waarom ze geen donor zijn. Maar wel een onbewuste weerstand hebben. Dáár gaat dit artikel om.
En Bert, volgens mij zijn er niet veel ‘betere’ of ‘slechtere’ discussies. Dit is naar onze mening een belangrijke discussie, omdat nog téveel de nadruk ligt op de ‘lafaards’ die niet doneren.. Je wordt als een suffie neergezet, als je nog geen donor bent.. Want er zijn maar weinig mensen die hun gevoelens onder woorden kunnen brengen, in het kader van geen-donor zijn..!